Nederland ringrotvrij
De afgelopen jaren waren er vrijwel jaarlijks een of enkele ringrotvondsten in Nederland. Ondanks de integrale toets op bruin- en ringrot op het NAK-gecertificeerde pootgoed, kan er besmetting optreden. Wanneer besmetting is geconstateerd, wordt veel inzet gepleegd om de bacterie uit te roeien. Hiervoor voert de NVWA een traceringsonderzoek uit dat tot doel heeft alle contactpartijen en partijen die klonaal verwant zijn in kaart te brengen. Deze partijen worden door de NVWA onderzocht op ringrot. De betrokken bedrijven, waarvan de partijen afkomstig zijn, hebben te maken met extra fytosanitaire maatregelen, die variëren van een gepaste afzet van pootaardappelen buiten het reguliere afzetkanaal (niet als pootgoed), verscherpte controles gedurende een aantal jaren op ringrot, het reinigen en ontsmetten van bewaar- en verwerkingsruimtes, machines en kisten.
Het traceringsonderzoek kan zich erg uitbreiden als binnen dit onderzoek opnieuw een ringrotvondst wordt gedaan, omdat dan weer verder wordt gekeken naar de contacten van de partij met de nieuwe vondst, met andere partijen.
Het afgelopen voorjaar waren ruim 50 bedrijven bij het traceringsonderzoek naar aanleiding van een ringrotvondsten.
De LTO werkgroep pootaardappelen heeft samen met de LTO werkgroep consumptieaardappelen en uien voor deze bedrijven een informatieavond gehouden op 14 mei jl. waarin het traceringsonderzoek door de NVWA werd toegelicht en telers de ruimte kregen met vragen te komen over zaken waar ze tegenaan lopen. Op deze datum is ook de besloten internetgroep gestart, waarbinnen informatie over ringrot, de maatregelen van de NVWA en te nemen maatregelen op de bedrijven worden gedeeld. Ook is er de mogelijkheid om aan collegatelers vragen te stellen en met hen in gesprek te gaan.
Op 26 juni vond een informatieavond plaats georganiseerd door de afdeling Goeree-Overflakkee.
Op beide avonden is ook een toelichting gegeven op het hygiëneprotocol dat voor de gehele (poot)aardappelkolom is ontwikkeld.
Door als gehele kolom te werken volgens het hygiëneprotocol worden de risico’s op een ringrotvondst al aanzienlijk beperkt. Belangrijke onderdelen in dit protocol voor de (poot)aardappeltelers zijn: geen aardappels snijden voor pootgoedteelt, gebruik van eigen kisten (en geen uitleen van kisten), gebruik machines en installaties alleen van eigen bedrijf of in een vast samenwerkingsverband, productstromen pootgoed- en consumptieaardappelen goed gescheiden houden, trekkers en machines grondvrij maken bij wisseling percelen.
Door toepassing van de maatregelen in het hygiëneprotocol, gecombineerd met gebruik van uitsluitend NAK-gecertificeerd of ATR-pootgoed en het niet meer snijden van pootaardappelen ten behoeve van pootaardappelteelt, is het mogelijk ringrot daadwerkelijk uit te bannen.
Dit vraagt ook om discipline bij telers, handelaren, transporteurs, loonwerkers, sorteer- en verwerkingsbedrijven.
Anneke van Dijk
27 juni 2012
Het traceringsonderzoek kan zich erg uitbreiden als binnen dit onderzoek opnieuw een ringrotvondst wordt gedaan, omdat dan weer verder wordt gekeken naar de contacten van de partij met de nieuwe vondst, met andere partijen.
Het afgelopen voorjaar waren ruim 50 bedrijven bij het traceringsonderzoek naar aanleiding van een ringrotvondsten.
De LTO werkgroep pootaardappelen heeft samen met de LTO werkgroep consumptieaardappelen en uien voor deze bedrijven een informatieavond gehouden op 14 mei jl. waarin het traceringsonderzoek door de NVWA werd toegelicht en telers de ruimte kregen met vragen te komen over zaken waar ze tegenaan lopen. Op deze datum is ook de besloten internetgroep gestart, waarbinnen informatie over ringrot, de maatregelen van de NVWA en te nemen maatregelen op de bedrijven worden gedeeld. Ook is er de mogelijkheid om aan collegatelers vragen te stellen en met hen in gesprek te gaan.
Op 26 juni vond een informatieavond plaats georganiseerd door de afdeling Goeree-Overflakkee.
Op beide avonden is ook een toelichting gegeven op het hygiëneprotocol dat voor de gehele (poot)aardappelkolom is ontwikkeld.
Door als gehele kolom te werken volgens het hygiëneprotocol worden de risico’s op een ringrotvondst al aanzienlijk beperkt. Belangrijke onderdelen in dit protocol voor de (poot)aardappeltelers zijn: geen aardappels snijden voor pootgoedteelt, gebruik van eigen kisten (en geen uitleen van kisten), gebruik machines en installaties alleen van eigen bedrijf of in een vast samenwerkingsverband, productstromen pootgoed- en consumptieaardappelen goed gescheiden houden, trekkers en machines grondvrij maken bij wisseling percelen.
Door toepassing van de maatregelen in het hygiëneprotocol, gecombineerd met gebruik van uitsluitend NAK-gecertificeerd of ATR-pootgoed en het niet meer snijden van pootaardappelen ten behoeve van pootaardappelteelt, is het mogelijk ringrot daadwerkelijk uit te bannen.
Dit vraagt ook om discipline bij telers, handelaren, transporteurs, loonwerkers, sorteer- en verwerkingsbedrijven.
Anneke van Dijk
27 juni 2012

