Hart onder de riem voor de boeren van de toekomst

'Vergis je niet: wat jullie kunnen, kan bijna niemand: oog voor dieren, techniek en economie combineren in het dagelijks werk, en dat meestal zeven dagen in de week, en zo nodig 24 uur per dag'.

Ben Apeldoorn, bestuurslid LTO Noord afdeling Gelderse Vallei, gaf de MBO-leerlingen Veehouderij aan de MAS in Barneveld deze mooie woorden mee bij hun diploma-uitreiking. Het is een mooie traditie van de MAS in Barneveld om bij de diploma-uitreiking een veehouder- namens het bedrijfsleven - te vragen om een toespraak te houden voor de leerlingen.
Dit jaar viel de eer te beurt aan melkveehouder en bestuurder Ben Apeldoorn.
Zijn gehele, inspirerende speech, is hieronder te lezen:

Beste geslaagden!

In deze eeuw moeten we net zoveel voedsel produceren als er in de eeuwen vóór ons in totaal is geproduceerd!
Jullie zijn allemaal geboren zo rond de drempel van de 21e eeuw. Door de snelgroeiende wereldbevolking moeten boeren en tuinders in deze eeuw, jullie eeuw, net zoveel voedsel produceren, als er in de geschiedenis van de mensheid tot nu toe totaal is geproduceerd!
Stel je dat eens voor. Het lijkt ongelooflijk, toch is het waar.

Welvaart
Dankzij kunstmest, gewasbescherming, mechanisatie en fokkerij is de productiviteit en voedselzekerheid de laatste honderd jaar enorm toegenomen. Deze voedselzekerheid en efficiëntie hebben geleid tot een grote groei van de wereldbevolking en de welvaart. Deze welvaart en groeiende wereldbevolking begint zich nu te keren tegen het fundament waarop deze welvaart gebouwd is.

Want er gaat geen week voorbij of er komt wel een bericht in het nieuws over gif, stikstof, kalversterfte, mestoverschot, nitraat, fijnstof, weidevogels of achteruitgang van insecten. De grote gemene deler is: veehouderij is slecht, kost veel ruimte, is zielig en verpest de leefomgeving. Maar ondertussen is koopkracht, ook in Den Haag heilig, en is men feitelijk niet bereid meer te betalen voor hun boodschappen of het consumptiepatroon te matigen. Je zou er soms moedeloos van worden.

Blijven aanpassen
Maar dat is helemaal niet nodig. Alleen al in de Europese Unie wonen vijfhonderd miljoen consumenten die graag de producten uit de Nederlandse veehouderij kopen. Natuurlijk zullen we als boeren ons moeten blijven aanpassen, maar daar zijn we goed in, dat hebben we de afgelopen eeuw immers ook gedaan. Van zeer arbeidsintensieve, weinig efficiënte, gemengde bedrijven zijn we naar gespecialiseerde bedrijven gegaan met een scherpe kostprijs en zeer hoog niveau van kwaliteit en voedselveiligheid. De markt vraagt nu echter om méér dan dat.  Om als veehouder te overleven betekent dat luisteren naar die markt, en dat is niet altijd hetzelfde als luisteren naar de consument. Efficiëntie, lage emissies, hoge producties zullen ook in de toekomst gevraagd worden om de rekeningen te kunnen betalen. Zonder deze harde randvoorwaarden zullen we de zachte randvoorwaarden als biodiversiteit of dierwelzijn niet kunnen betalen. Probeer deze belangrijke, technische kwaliteiten dus vast te houden, ook als we als veehouderij mee moeten bewegen met de vraag uit de markt.

Europese kringlopen
Veehouderij blijft, juist in combinatie met plantaardige voedselproductie, een belangrijk onderdeel van ons voedselsysteem. Aan de inputkant zal er best wat veranderen. Grondstoffen van overzee zullen minder gebruikt worden en er zal meer naar een Europese kringlopen gestreefd worden. Dit biedt voor ons volop kansen: we hebben al veel ervaring met reststromen als veevoer en kunnen dit prima optimaliseren. Verder is Nederland een distributieland bij uitstek, met veel vraag naar zuivel vlees en eieren zeer dichtbij: alleen al in Noordrijn-Westfalen wonen 18 miljoen consumenten op een paar uur rijden van ons vandaan. Voor een Nederlandse kaasfabriek of slachterij is een distributiecentrum van de Lidl in Essen of Keulen net zo gemakkelijk te bevoorraden als dat van de Jumbo of de Albert Heijn in de Randstad.

Jullie staan nu ook op een drempel, niet van een nieuwe eeuw, maar wel van de volgende fase in je leven. Een aantal van jullie gaat naar de HAS, ook gaat een aantal van niveau 2 naar 3 of van 3 naar 4, maar de grootste groep gaat aan het werk.
En dat is mooi. De verwende Nederlandse maatschappij heeft jullie hard nodig. Vergis je niet: wat jullie kunnen, kan bijna niemand: oog voor dieren, techniek en economie combineren in het dagelijks werk, en dat meestal 7 dagen in de week, en zo nodig 24 uur per dag.

Genieten
Dus laat je niet uit het veld slaan door kritiek van mensen die toch niet jouw klant zijn, maar luister wél scherp naar de melkfabriek, slachterij of eierhandelaar: zij vechten elke dag weer om een plaatsje op de markt en weten wat er gevraagd wordt. Vergeet verder vooral ook niet te genieten van het werken met vee, geniet van mooie eieren, gezonde biggen of een prachtig kalf. Dit is een oneindige bron van motivatie en arbeidsvreugde.

Het ga jullie goed!