Meindert-Jan Botman

Vijf vragen aan: Meindert-Jan Botman

In de rubriek ‘Vijf vragen aan … ‘ kunt u kennismaken met de bestuursleden van LTO Noord afdeling West-Friesland. Zij stellen zichzelf voor, vertellen over de afdeling en wat zij voor u als lid doen.

Wie ben ik: 
Meindert-Jan Botman West-FrieslandIk ben Meindert-Jan Botman, broccoliteler in Oostwoud. Ik ben getrouwd met Maaike en we hebben samen 3 kinderen van 11, 9 en 7 jaar. Nadat ik de HAS in Den Bosch heb afgerond in 2002 ben ik bij mijn vader gaan werken en ben ik sinds 2006 in het bedrijf gekomen. In 2015 heb ik het bedrijf volledig overgenomen. Maaike werkte als doktersassistente en is sinds 2017 in het bedrijf gekomen. We telen de laatste jaren 110 hectare broccoli en 3 hectare winterbloemkool. De teelt vindt vrijwel geheel plaats in de gemeente Medemblik. Om mijn bedrijf heen hebben we 12 hectare land in eigendom, het overige areaal huren we van landeigenaren in mijn omgeving. We hebben een seizoensbedrijf: we beginnen te planten in maart en oogsten van eind mei tot eind oktober. In de wintermaanden heb ik dan tijd voor onderhoud, planning, administratie, hobby’s en vakantie. Ik ga ’s winters wekelijks schaatsen op de ijsbaan De Westfries. Met het gezin gaan we graag een weekje skiën in Oostenrijk.

Bestuurswerk
Sinds Siem Appel stopte als contactpersoon voor de vollegrond, ben ik gevraagd om dit stokje over te nemen in het bestuur van LTO Noord afdeling West-Friesland. Ik ben woordvoerder voor onderzoek binnen de broccoliteelt voor de landelijke broccoligroep in een plaatselijke kerngroep. Voorzitter wil ik me niet noemen, meer een aanjager die probeert met de groep telers onderzoek van de grond te krijgen. Hierin heb ik mijn plekje wel gevonden. In gesprek met collega’s, onderzoekers, gewasbeschermingsmiddelen-fabrikanten en zaadbedrijven om onze teelt te verbeteren. 

Het bestuur van LTO Noord West-Friesland is heel divers. We hebben te maken met diverse sectoren met ieder zijn eigen kenmerken, belangen en problemen. Diverse gemeentes met ieder een ander beleid en een breed scala aan portefeuilles: water, infrastructuur, flora en fauna, energie, bestemmingsplannen enzovoort. Met binnen elke portefeuille organisaties die hierin belangen hebben. Ik ben niet een echte sectorvertegenwoordiger die namens meerdere bedrijven spreekt, hiervoor zitten wij als telers toch vaak op ons eigen bedrijf en spreken we elkaar hierover nauwelijks. Ik vind mezelf meer een luisterend oor in het bestuur, ik vind het belangrijk dat LTO Noord betrokken is bij de gesprekken binnen de diverse thema’s zodat de gehele agrarische sector in de toekomst ook hun brood kan verdienen en een bijdrage leveren in de eigen landelijke omgeving. 

Ik wil dat er ook in de toekomst gezonde grond beschikbaar is voor de teelt en niet alles is volgebouwd met huizen, zonneweides of recreatie. En mijn teelt niet wordt opgegeten door ganzen en dat ik mijn gewassen kan blijven beregenen om de consument gezonde broccoli voor te schotelen.

Toekomst
Het bestuur gaat in de nabije toekomst veranderen. Het is moeilijk om mensen te vinden die met enthousiasme de diverse thema’s op zich nemen. Ik merk het ook aan mezelf. De meeste mensen hebben het druk met het eigen bedrijf. Overleg met bestuurlijke organisaties is vaak een proces van lange adem. Het is van belang dat er bestuurders zijn die deze taken blijven doen. Tot nu toe is dit goed gegaan, in de toekomst zal dat waarschijnlijk ook wel goed komen.