Stikstofupdate regio West

Begin vorige week hebben we provincies en Rijk opgeroepen om de basisvoorwaarden op orde te brengen voordat het extern salderen kan worden opengesteld. We hebben een spoorboekje gemaakt met daarin 3 stappen: knelgevallen goed oplossen, een sluitend stikstofregistratiesysteem maken en ontwikkelruimte voor de agrarische sector behouden.

Die oproep kunt u in dit artikel teruglezen.

De provincies zijn echter allemaal van plan om het extern salderen mogelijk te maken. Een aantal heeft dit al gedaan; andere provincies zullen de komende tijd dit besluit ook nemen. Provincies hebben hun eigen overwegingen wanneer zij dit zullen doen, omdat de situatie per provincie verschilt.

Wij hebben samen met andere agrarische organisaties met alle provincies intensief contact over het extern salderen, het verleasen, de knelgevallen en de gebiedsgerichte aanpak stikstof. Zij nemen onze inbreng zeer serieus, maar wij blijven kritisch.

Verschillen per provincie
In de ene provincie worden nadrukkelijk meer toezeggingen gedaan over registratie en het voorkomen van verliezen dan in de andere provincie. Daarnaast verschillen de eigen behoeften van de agrarische sector per provincie. In Overijssel bijvoorbeeld hebben 350 boeren al een verzoek voor extern salderen gedaan om eigen ontwikkelingen mogelijk te maken. Deze verschillen maken dat we als LTO Noord niet in iedere provincie op dezelfde manier reageren op het openstellen van extern salderen.

Nationaal blijven we druk zetten op de minister omdat zij primair aan zet is om de knelgevallen op te lossen en hierbij snelheid te maken. De provincies ondersteunen onze inzet hierin.

Noord-Holland
Op 8 september jl. heeft gedeputeerde Rommel een ‘brainstorm’ georganiseerd met vertegenwoordigers van de agrarische sector, vanuit de industrie/haven en natuurorganisaties. 

Tijdens deze bijeenkomst is door de landbouwvertegenwoordigers nogmaals benadrukt dat besluitvorming over extern salderen pas kan plaatsvinden nadat er een oplossing is voor de pas-melders/knelgevallen en er een deugdelijk registratiesysteem beschikbaar is.

De provincie heeft aangegeven met de betrokken partijen in overleg te blijven over de randvoorwaarden voordat extern salderen, ook voor de veehouderijsector, mogelijk wordt gemaakt. Het is een (kleine) stap in de goede richting en voor ons van belang om te voorkomen dat er wildwest-situaties ontstaan.

De gebiedsuitwerking voor Westzaan is inmiddels opgestart. Een start met de nodige hindernissen. Vooral het beschikbaar maken van gegevens (aantallen bedrijven, uitstoot, vergunningverlening) is nog niet goed geregeld. De provincie heeft op dit vlak beterschap beloofd. In oktober zal de gebiedsuitwerking voor Kennemerland Zuid van start gaan.

Ook wordt met de provincie gesproken over de uitwerking van een ‘beheercheck’. Hiermee moet worden geborgd dat bij de lopende en komende gebiedsuitwerkingen sprake is van een integrale aanpak. Er moet worden voorkomen dat er maatregelen worden genomen voor de stikstofaanpak, die vervolgens averechts werken voor bijvoorbeeld de agrarische structuur en/of het beheer van de gebieden. De provincie is er ook van overtuigd dat boeren in/om de Natura 2000-gebieden noodzakelijk zijn voor het beheer en onderhoud van de natuurgebieden.

Flevoland
In Flevoland heeft de vierde ronde van gebiedstafels en de regietafel plaatsgevonden. De opdracht ligt nu bij de provincie om hier een samenvattend rapport van te maken die naar alle waarschijnlijkheid eind van deze maand klaar zal zijn. Vanuit onze landbouwgroep hebben we een aanbod gedaan om 26% ammoniak te reduceren tot 2030 zoals landelijk is afgesproken. Daarvoor willen we o.a. eerst de PAS-melders en andere knelgevallen opgelost zien. De reductie zal vooral moeten plaatsvinden door investeringen en innovaties rondom de stal en mest. Daarnaast zal kavelruil helpen om huiskavels groter te maken om meer te kunnen weiden. De provincie is op zoek naar het concreter maken van plannen en deze opdracht ligt ook bij de andere partijen (bouw, natuur en gemeenten). Zoals het nu is aangegeven gaat extern salderen in Flevoland open als er een nieuwe Aerius-versie is. Wij adviseren dringend dit niet te doen. 

Daarnaast heeft er eind augustus een bedrijfsbezoek plaatsgevonden van gedeputeerde Hofstra en ambtenaren van de provincie bij Gerben Oordt op zijn melkveebedrijf. Het bezoek was voornamelijk bedoelt om met de voeten in de klei te bespreken wat de maatregelen nu daadwerkelijk voor de sector betekenen. Ondanks dat er geen concrete afspraken zijn gemaakt merken we hoe belangrijk het is om met elkaar in gesprek te blijven en praktische informatie uit te wisselen.

Zuid-Holland en Utrecht
In Zuid-Holland en Utrecht wordt in samenwerking met LNV onderzoek gedaan of de Nieuwkoopse aanpak mogelijk kan worden gemaakt via de beleidsregels. Met minister Schouten is op 9 september afgesproken dat dit onderzoek wordt gedaan ‘met de intentie om het mogelijk te maken’ en het ‘samen met de boeren’ wordt gedaan, want: ‘Het plan is vanuit de boeren ontstaan en moet ook van de boeren blijven’.  Over drie weken wordt het resultaat van dit onderzoek verwacht en komt er meer duidelijkheid.

Met de uitkomsten van het onderzoek kan een goed afgewogen besluit genomen worden over het openstellen van ‘gewoon’ verleasen (bestaande stalruimte zonder reductiemaatregelen), extern salderen met veehouderijen en ‘Nieuwkoops verleasen’: eerst innoveren en reduceren en dan – na aftrek van het wettelijk deel van de reductie – het bovenwettelijke deel van de vrijgespeelde stikstofruimte verleasen (uiteraard voor zover niet gebruikt voor eigen uitbreiding). Dus in feite is het tijdelijke extern salderen (verleasen) ná intern salderen. Dit is op dit moment niet mogelijk in de beleidsregels en mogelijk is er zelfs ook een wijziging in de wetgeving nodig.

In aanloop naar de besluitvorming over verleasen en extern salderen rond 15 oktober verzoeken wij de provincie Utrecht en Zuid-Holland het ‘hand aan de kraan’ principe met een beetje beleid toe te passen. Dus niet de kraan volledig openzetten en dan maar zien wat er, maar de kraan heel voorzichtig openzetten om ‘de ergste druk te verlichten’ en handel mogelijk te maken voor ontwikkelingen, waar we – overheid én sector -  met zekerheid geen spijt gaan krijgen. Praktisch zien we dit als volgt:

  1. De regionale module van het stikstofregister moet beschikbaar zijn: als je niet overzichtelijk kan bijhouden wat je uitwisselt en reduceert, hoe kan je dan monitoren?
  2. Maak spoedig ‘gewoon verleasen’ mogelijk met bestaande ruimte tot max 50% (volledig verleasen van oude vervuilende stallen is niet wenselijk). Hiermee haal je al behoorlijke druk van de ketel.
  3. Werk ondertussen hard door om ‘Nieuwkoops verleasen’ mogelijk te maken. Als de wet hiervoor aangepast moet worden, kan dat nog wel even duren.
  4. Maak extern salderen niet mogelijk. In ieder geval nog niet, omdat de waarborgen om dit goed te doen nog niet zijn uitgewerkt.