Bart Gussinklo

Situatie in België en gevolgen voor Nederland

Het aantal uitbraken van de niet bestrijdingsplichtige vogelgriep van het type H3N1 is de afgelopen week opnieuw flink toegenomen.

LTO/NOP is voortdurend in contact en overleg met andere sectorpartijen, overheid en Belgische collega’s over de situatie rond de vogelgriepuitbraken in België. Het aantal uitbraken van de niet bestrijdingsplichtige vogelgriep van het type H3N1 is de afgelopen week opnieuw flink toegenomen. Voor zover bekend zijn in België inmiddels 35 besmettingen vastgesteld. Het betreft vooral vleesvermeerderings- en legbedrijven (zowel binnen- als uitloop) en enkele kalkoen- en vleeskuikenbedrijven. De klinische symptomen op de bedrijven zijn snelle daling van eiproductie (van 20%-100%) en hoge sterfte (tot 50% en hoger). De klinische verschijnselen op de kalkoenbedrijven waren milder.

België
Nader onderzoek in België heeft aangetoond dat het virus laag pathogeen is, ondanks de geconstateerde hoge sterfte. Volgens de Belgische overheid kan daarom het virus alleen niet verantwoordelijk zijn voor de klinische problemen die worden waargenomen. Aan de basis ligt waarschijnlijk een co-infectie van dit H3-virus met een andere pathogeen of een combinatie van pathogenen. Welke is echter nog niet duidelijk.

De Belgische FAVV heeft op basis van epidemiologisch onderzoek geen gemeenschappelijke factor van verspreiding gevonden. Het verspreidingspatroon in de praktijk lijkt waarschijnlijk het resultaat van een combinatie van verschillende besmettingsroutes, namelijk lokale verspreiding en verspreiding via contacten binnen de sector.

Gezien de omvang en de impact van de problematiek, heeft de Belgische pluimveesector aan hun minister gevraagd om de betrokken bedrijven te ruimen of te slachten. Officiële informatie wordt hierover op korte termijn verwacht.

Nederland
Tot nu toe zijn in Nederland geen signalen bekend over problemen ten gevolge van H3N1 LPAI. Maar vanwege de snelle toename van besmettingen in België is extra preventie nodig om te voorkomen dat het virus zich uitbreidt naar Nederland. Om die reden is besloten om in IKB Kip en IKB Ei de bestaande hygiëneprotocollen die gebruikt worden in tijden van een AI-uitbraak in Nederland uit te voeren bij het vervoer van (broed)eieren, eendagskuikens, opfokdieren en slachtdieren vanuit België.

Gezien de ernst van de situatie benadrukt LTO/NOP dat het van het grootste belang is dat pluimveehouders alle bioveiligheidsmaatregelen strikt uitvoeren en alert zijn op klinische verschijnselen van AI.