Landschap - Weg

'Mensen veel meer meenemen in de afwegingen die wij maken'

Dirk Dekker sluit een bestuurlijke carrière van ruim twintig jaar af bij LTO Noord. Voor Tanja Beuling gaat het bestuurswerk voor de landbouw door bij waterschap Hunze en Aa’s. Beiden behoorden tot de eerste generatie regiobestuurders. Gezamenlijk geven ze een afscheidsinterview.

Als teamhoofd projecten bij het waterschap Hunze en Aa’s zag akkerbouwer Tanja Beuling de vacature voor regiobestuurder LTO Noord regio Noord voorbijkomen. Een mooie stap om op de boerderij én buitenshuis aan de slag te kunnen gaan. ‘Soms moet je eerst loslaten om nieuwe dingen te kunnen vastpakken’, zegt Beuling, die op zoek was naar een uitdaging buiten het bedrijf in Eerste Exloërmond.

‘LTO Noord kende ik door ons bedrijf en omdat mijn man Dirk Jan in LTO-vakgroep Akkerbouw zit. Dan krijg je wel wat mee. Door mijn werk had ik al een mooi netwerk en bestuurlijke ervaring had ik bij de Natuur en Milieufederatie Drenthe opgedaan. In mijn ogen wordt belangenbehartiging onderschat. Als je wat met elkaar wilt, dan moet je je er ook met elkaar voor inzetten. De overstap naar LTO Noord was best pittig. Juist door af en toe te switchen en keuzes te maken, houd je jezelf scherp.’

Varkenshouder Dirk Dekker uit Nijkerk stapte begin jaren negentig in als afdelingsbestuurder bij de toenmalige LTO Noord-afdeling Nijkerk. ‘Ik heb het nodig’, zegt hij. ‘Alleen het bedrijf is voor mij niet genoeg. Ik wil onder de mensen zijn. Ik kwam destijds twee keer bij de Raad van State vanwege vergunningaanvragen. Dan ga je in de vergaderingen andere vragen stellen en zo kom je in beeld bij het afdelingsbestuur.’

Daarna werd Dekker als provinciaal bestuurslid Gelderland benoemd. ‘Ik moest daarvoor de studie bestuurskunde aan Nyenrode volgen. Dat was zwaar, maar ik heb er ontzettend veel aan gehad als bestuurder en voor mijn bedrijf. Je leert bijvoorbeeld over onderhandelingstactieken, een vergadering voorzitten, analyseren en je vergroot je netwerk.’

In 2016 is de provinciale structuur binnen LTO Noord overgegaan naar regio’s, met daarbij ook regiobesturen. Sindsdien is Dekker regiobestuurder LTO Noord regio Oost.

Hoe hebt u uw periode als regiobestuurder ervaren?
Beuling: ‘We begonnen in regio Noord met drie mensen die ervaring hadden als provinciaal bestuurder en vier nieuwkomers. Dat was een mooie mix. Samen met Jan Bloemerts was ik het aanspreekpunt in Drenthe en vanuit de regio was ik trekker van het thema Water en Bodem.‘Tegelijkertijd speelde de overgang van de vakgroepen naar LTO Nederland. Iedereen was wat zoekende en hierin kunnen nog slagen worden gemaakt. Dat zegt niets over de inzet van bestuurders en medewerkers. Iedereen is ontzettend bevlogen.’

Dekker: ‘Sinds ik in het regiobestuur zit, rijd ik 1.000 kilometer per week vanwege de diverse overleggen in Gelderland en Overijssel voor mijn portefeuilles Fauna, Onderwijs en Intensieve Veehouderij. Ik vond het lastiger om de Overijsselse Statenleden goed te leren kennen. Als je uit dezelfde provincie komt, is dat toch makkelijker.’

Op welke inzet bent u trots?
Beuling: ‘Toen ik begon, was er amper contact met de waterschapsbestuurders die voor de geborgde zetels ongebouwd, dus namens de landbouw, in de waterschappen zaten. Daar hebben we nu twee keer per jaar overleg mee, samen met de portefeuillehouders Water van de afdelingen. Dat samenspel zit logischer in elkaar. En de geborgde zetels hebben er meer gevoel bij dat ze er namens de landbouw zitten. In LTO-verband is het gelukt om de aanpassing van het belastingstelsel in het waterschap in de ijskast te zetten. Van zo’n uitstel merkt een lid nu weinig.’

Dekker: ‘Het meest trots ben ik op de fauna-app die in ontwikkeling is, waar boeren makkelijk hun schade kunnen melden. Je opent de app op je telefoon, de positie wordt bepaald en het is klaar. De jager krijgt ook direct melding van die schade. Die drempel om schade te melden, is weg. Als we veel meldingen binnenkrijgen, staan we sterker in het beheren. Nu mogen we in Gelderland niet meer schieten op roeken omdat er geen schade wordt gemeld.

‘Verder ben ik blij met resultaten als de statiegeldregelingen in Overijssel en Gelderland, de edelhertenregeling in de Gelderse enclave en de terugkeer van automatische taxaties in ganzenrustgebieden. Bij dat laatste blijkt nu dat er voor een miljoen euro meer aan schade is. Ook op de totstandkoming van de Producenten Organisatie Varkenshouderij (POV) en het Gelders Plussenbeleid ben ik trots. In ruil voor overleg met de buren en meer dierenwelzijn kunnen boeren een groter bouwperceel krijgen.’

Wat hebt u geleerd?
Samen: ‘Koester de afdelingen en ondersteun ze goed. Want zij zijn onze spil, onze directe link met de leden.’
Beuling: ‘Als landbouw vinden we veel in ons vak gewoon, maar dat is het niet. Neem bijvoorbeeld de keuze tussen de aanschaf van een emissiereducerende spuit of de aanleg van teeltvrije zones. Dat laatste zien burgers en vinden ze prachtig. Dat de spuit milieutechnisch misschien wel veel meer oplevert, weten ze niet. We moeten mensen veel meer meenemen in de keuzes en afwegingen die wij maken. We hebben zulke mooie excursielocaties. Bijna ieder bedrijf leent zich daarvoor.’

Dekker: ‘Inderdaad, wat goed werkt, is politici en ambtenaren de praktijk laten zien. Bij Statenvergaderingen heb ik regelmatig een boer ons betoog laten inspreken. Dat komt er emotie bij. Dan komt het beter over dan als ik dat doe als bestuurder. Door deze aanpak hebben we in Gelderland zo miljoenen euro’s het erf op gesleept.’

Tijd voor kleinkinderen, hobby’s en energie steken in het waterschap
Al is Dirk Dekker officieel gestopt als regiobestuurder, hij zit nog volop in de overdracht van het faunadossier aan zijn opvolger Hans van Beuzekom. ‘Daarna wil ik alle tijd nemen voor mijn kleinkinderen en mijn hobby’s. Ik mag graag jagen en mennen’, vertelt Dekker, die daarnaast vaker naar Spanje wil omdat hij daar een vakantiehuis heeft.
Tijd voor haar grote hobby tuinieren hoopt Tanja Beuling nu ook wat meer te krijgen. Daarnaast steekt ze graag haar energie in haar nieuwe functie als waterschapsbestuurder namens de geborgde zetel ongebouwd bij waterschap Hunze en Aa’s. ‘Dat doe ik graag, want bij water en bodem liggen mijn kennis en kwaliteiten. Omdat ik bij het waterschap heb gewerkt, ken ik al veel dossiers. Zo kan ik mijn bijdrage voor de landbouw blijven doen.’ Daarnaast is Beuling met haar akkerbouwbedrijf betrokken bij het POP-project ‘Basispakket Precisielandbouw’.