Landbouwparken Barcelona inspireren Zuid-Hollanders

Het concept van een ‘Landbouwpark’ wordt in de regio Barcelona al twintig jaar in praktijk gebracht. Boeren, experts en beleidsmakers uit Zuid-Holland zagen met eigen ogen hoe dit werkt en concluderen dat het ook voor gebieden als Midden-Delfland en Buijtenland van Rhoon een interessant concept is. Cruciaal voor het slagen is de ontwikkeling van sterke korte ketens met de nabijgelegen steden.

Voedselpark als concept voor Midden-Delfland en Buijtenland van Rhoon bestudeerd

Tijdens een studiereis van 3 tot en met 7 november bezochten boeren, experts en beleidsmakers uit Zuid-Holland twee ‘voedselparken’ in de omgeving van Barcelona. Het Parc Rural del Montserrat in de bergen ten noorden van Barcelona en het Parc Agrari del Baix Llobregat dat ligt ingeklemd tussen voorsteden en de luchthaven.

Vooral dit laatste park geldt als Europees rolmodel voor voedselparken. Uit bescherming tegen de onstuimige verstedelijking werd Llobregat in 1998 gedefinieerd als landbouwpark. De bescherming was een noodzaak, want sinds de jaren vijftig is het landbouwareaal in de provincie Barcelona met 56 procent geslonken. Enerzijds door de stedelijke druk, anderzijds – verder van de steden – doordat verwaarloosde landbouwgrond bebost raakt, met groot risico op bosbranden.

Beschermde status
‘Er zijn zoals overal in Europa bestemmingsplannen, maar die worden soms overruled door het algemeen belang, zoals wegen- en woningbouw.’ Dat vertelt Jan-Willem van der Schans, adviseur korte ketens van Wageningen Economic Research die de reis samen met LTO Noord organiseerde.

‘In die situatie blijft er steeds minder landbouwgrond en toekomstperspectief over. Dat is hier afgeremd door een parkstatus toe te kennen aan het landbouwgebruik, zodat de landbouwfunctie beter is beschermd.’

De status van landbouwpark is in 1998 vastgelegd. Vanaf dat jaar wordt er vanuit een breed gedragen Managementsplan door een werkorganisatie samen met de agrariërs gewerkt aan behoud en ontwikkeling van het land- en tuinbouwareaal, het ontwikkelen van lokale afzet en vergroten van de bedrijfskracht van de ondernemers. Overigens is pas sinds dit jaar het landbouwgebruik ook wettelijk beschermd door de Spaanse overheid.

Korte ketens
Met het vaststellen van de Parkstatus is de landbouwfunctie echter niet vanzelf duurzaam beschermd, bleek tijdens de studiereis. Daarvoor is het van belang dat er ook een meerwaarde aan de landbouwproductie wordt verbonden. Een voor de hand liggende manier is het telen van meer exclusieve producten, en dan vooral gericht op de nabije stedeling. Het opbouwen van korte ketens is van belang, zag het reisgezelschap. Daar wordt ook volop aangewerkt, hoewel de praktijk hierin even weerbarstig is als in Nederland.

Onder het eigen regiomerk ‘FRESC’ proberen de boeren een meerwaarde te vinden in lokale afzet van vers voedsel. De producten van FRESC worden zowel op de groothandelsmarkt Mercabarna als op lokale stadsmarkten verkocht. Verder verwerken tientallen restaurants in Barcelona de lokale producten tot culinaire hoogstandjes en communiceren dit ook op hun menukaart.

Jan-Willem van der Schans: ‘Als de boeren en tuinders erin slagen om hun producten ook lokaal goed te verkopen, dan wordt de bescherming van de landbouwparken nog sterker. Want dan zullen de stedelingen het niet accepteren als deze gebieden worden weggedrukt.’

Groenten en fruittuin met irrigatiekanalen
Het Parc Agrari del Baix Llobregat is 3.500 hectare groot met zo’n 200 bedrijven en biedt werk aan 1.200 mensen. Het park oogt als een enorme groenten en fruittuin, met tientallen gewasvariëteiten, enkele kleinere plastic kassen en als hoofdteelt de artisjok. De percelen zijn kleinschalig en worden bevloeid via kleine betonnen irrigatiekanaaltjes. Door de ligging vlakbij de stad was dit landbouwpark voor de Nederlandse bezoekers herkenbaar; qua schaalgrootte en moderniteit van de bedrijven daarentegen niet.

Lessen van ‘Barcelona’
Als planoloog/ontwerper zag Merten Nefs (Vereniging Deltametropool) dat er veel lessen te leren waren in Barcelona.

‘In tegenstelling tot Nederland, waar de expertise vanuit private hoek bij de boer terecht komt, staat hier de agronomische techniek centraal. Deze wordt in de context van het park geleverd aan de boeren, zodat ze heel concreet hun bedrijf kunnen optimaliseren. De boeren waarderen dit, naast de beschermende status van het landbouwpark.’

Verder ziet hij voor Nederland het advies: werk stap voor stap. ‘Urgente maatschappelijke kwesties zijn een geloofwaardige aanleiding voor het starten van een parkbeweging. Zorg dan dat alle relevante partijen vanaf het begin betrokken zijn bij het concept. Daarna maakt een convenant de weg vrij naar wetgeving en structureel budget voor parkmanagement. Schrik daarbij niet terug voor een proces van 20 jaar!’

Interessant concept
‘Het concept van een landbouwpark is een interessante gedachte’, vindt deelnemer Debby Nuijten, beleidsmedewerker van gemeente Midden-Delfland. ‘Dat zouden wij ook kunnen doen, vanuit onze status als Bijzonder Provinciaal Landschap.’ Verder vindt ze het regiomerk FRESC interessant. ‘Wij hebben sinds kort het merk PUUUR Midden-Delfland. Voor de uitrol kunnen we de inspiratie uit Barcelona benutten.’

Studiereisprogramma European Partnerships (EIP)
In het programma European Innovation Partnerships (EIP) wordt grensoverschrijdend samengewerkt aan innovatieve ideeën in de agrarische sector. In dit verband organiseerde LTO Noord en Wageningen ER de studiereis naar Barcelona, gefinancierd via het POP-3 programma door provincie Zuid-Holland. Van 3 tot en met 7 november bezochten een groep boeren, experts en beleidsmakers met lokale politici, beleidsmakers, boeren en tuinders. 

Klik hier voor alle reisverslagen en verschenen artikelen.
 
Tekst en foto: Koen van Wijk