Dubbelinterview: Werken aan biodiversiteit

Melkveehouder en begeleider aan het woord over de praktijkkring biodiversiteit, een activiteit van Vruchtbare Kringloop Zuid-Holland.

Frank Stolwijk is melkveehouder in Alphen aan de Rijn, melkt ongeveer 120 koeien van 47 hectare (voornamelijk klei op veen) en heeft een grote passie voor weidevogels.

Teus Verhoeff werkt bij PPP-Agro Advies en begeleidt de praktijkkring biodiversiteit van melkveehouders die experimenteren met het doorzaaien van kruiden in grasland in het veenweidegebied.

 

Mijn motivatie om mee te doen aan de praktijkkring biodiversiteit?

Frank: Ik doe al 30 jaar aan weidevogelbeheer en heb zo’n 50 tot 60 nesten per jaar, met voornamelijk grutto’s en tureluurs. Ik heb gezien dat in percelen met meer ruigte meer insecten leven. Dat betekent meer eten voor de weidevogels. Kruiden zijn interessant. Misschien zou ik met kruiden nog meer insecten kunnen aantrekken en op deze manier een nog betere plek creëren voor de weidevogels. De vraag is: lukt het om de kruiden op veen in de grasmat te houden? Dat is lastig. Meestal worden kruiden binnen 5 à 6 jaar weggeconcurreerd door het gras. Ik ben met deze praktijkkring gaan meedoen om hier meer over te leren.

Teus: Kruiden op veen en klei is echt onontgonnen terrein. We hebben een kopgroep boeren nodig om hiermee te experimenteren. Ik heb ook niet het antwoord op een A4’tje, maar ik wil wel graag met melkveehouders zoeken naar manieren om kruiden in de grasmat te krijgen en te houden. Deze groep boeren wil dit uitzoeken, experimenteren en de resultaten uitdragen naar collega’s. Ze zijn gemotiveerd om verschillende redenen. Een deel is net als Frank vooral gemotiveerd door weidevogels. Een andere groep wil met kruiden werken om de gezondheid van hun koeien en de bodem te verbeteren. Ook speelt de motivatie mee dat er vanuit de zuivelindustrie premies worden betaald voor melk van bedrijven met kruidenrijk grasland.

 

 

Waar ik enthousiast van word?

Frank: Naast natuurlijk de weidevogels, ben ik heel nieuwsgierig naar wat de kruiden voor de koeien kunnen betekenen. Ik wil het in de praktijk zien: welke kruiden komen op en wat gaan ze doen? In de groep zitten twee boeren die zeggen dat ze weinig of geen antibiotica meer hoeven te gebruiken dankzij de kruiden die ze voeren. Ik wil eerst in de praktijk zien dat dit werkt, voordat ik zou omschakelen naar zo’n systeem. Maar het is heel interessant om over te leren.

Teus: Ik ben persoonlijk erg geïnteresseerd in de verbinding van de factoren: kruiden, bloemen, insecten, vogels en koeien. Gaat dit elkaar in de praktijk echt allemaal versterken? We zien dat als er dingen gaan bloeien, dat er van alles gaat borrelen aan insecten. Heeft dit ook effect op de andere factoren?

Als tweede thema ben ik erg geïnteresseerd in de beworteling van kruiden. Kruiden wortelen dieper dan gras en kunnen daardoor beter tegen de droogte. Dat is heel interessant voor ons nieuwe – steeds warmere en drogere – klimaat. We hebben afgelopen jaren gezien dat wanneer het gras stopt met groeien door een gebrek aan regen, de kruiden doorgroeien.

 

Wat doen we in de praktijkkring?

Frank: Het is een veelzijdig programma. Soms komen er sprekers. We gaan bij elkaar in het veld kijken hoe de kruiden erbij staan en wisselen vervolgens ervaringen uit. Iedereen heeft verschillende ideeën en daarover gaan we met elkaar in gesprek.

We zitten allemaal nog in de beginfase, dus we zijn allemaal op zoek naar goede ideeën. Door te overleggen worden we steeds een klein stapje wijzer.

Ik hoop echt dat we hier volgend jaar mee verder kunnen, want het staat nog echt in de kinderschoenen. Ook kosten de aangepaste vormen van beheer veel extra werk. Ik ben daarom constant op zoek naar de balans van bijdragen aan biodiversiteit en voldoende geld verdienen.

 

Teus: De eerste keer brengen we in beeld wat we graag willen weten. Vervolgens organiseer ik dan het binnenhalen van kennis via specialisten. Dan komt het belangrijkste stuk, namelijk dat deelnemers aan de gang gaan. Dit een plezierige groep. Iedereen wil wel. Ik heb een rondje gemaakt langs alle bedrijven om te kijken waar iedereen mee bezig is, wat de plannen zijn en hoe we deze plannen kunnen aanscherpen.

Op de bijeenkomsten van de praktijkkring faciliteer ik het gesprek over hoe het gaat bij iedereen en gaan we samen kijken wat er gebeurt in het veld.

 

Wat gaan deelnemers anders doen?

Frank: Ik ben anders en minder gaan bemesten. Naar mijn idee gaan kruiden en kunstmest niet samen. Ik strooi wel kunstmest op andere percelen, omdat ik denk dat dat nodig is voor een goede structuur en smaak, maar niet op de percelen met kruiden. Ik doe zelf twee proeven. Op het ene perceel bemest ik helemaal niet. Op het andere perceel bemest ik minder, en alleen met ruige mest en drijfmest.

Teus: Sommige deelnemers kijken nog een beetje de kat uit de boom. Ik zeg dan: ga die kruiden er gewoon inzetten en kijken wat er gebeurt. Ze leren dat ze gewoon wat moeten gaan proberen; dat ze ermee aan de gang kunnen gaan.

 


TIP voor collega’s
Frank: “Ik wil mijn collega’s aanraden om aan de slag te gaan met biodiversiteit, want ik denk dat de maatschappij hierom vraagt. Zo wordt het ook voor de maatschappij zichtbaar en praktisch wat we doen. Door de kruiden krijg je meer begrip van biodiversiteit. Probeer eens gewoon een paar ha. Ik wil niemand voor de benen schoppen, maar ik denk dat het niet meer van deze tijd is om alles in 1 keer te maaien. We hebben een verantwoordelijkheid naar de samenleving toe. We gaan naar een andere inrichting van de polder.”

Over het project Vruchtbare Kringloop Zuid-Holland
Vruchtbare Kringloop Zuid-Holland is een experimenteertuin, waarin boeren en tuinders met elkaar kringlooplandbouw realiseren. Wilt u meer weten over het project? Klik hier.

Het project wordt mede mogelijk gemaakt door Provincie Zuid-Holland en het Europees Landbouwfonds voor Plattelandsontwikkeling: Europa investeert in zijn platteland.