Met Rolls Royce onder slangen muizen te lijf

Het is code rood voor de muizen in Zuidwest-Friesland. Wanneer boeren het land niet bevloeien, wordt de ramp met de knaagdieren veel groter dan in 2014/2015, stelt melkveehouder Harry Kramer. ‘Niets doen is geen optie meer.’

Kramer was een van de ruim honderd aanwezigen dinsdag tijdens de demonstratie veldmuizen bestrijden van LTO Noord en Wetterskip Fryslân in Woudsend. Verschillende bevloeislangen werden getoond, zoals een worteldoek met gaten met plastic ringen en de bevloeislang van kunststofdoek van Sidijk. Volgens muizenexpert Niek Bosma van Wetterskip Fryslân de ‘Rolls Royce onder de slangen’.

‘Het kunststofdoek wordt ook gebruikt voor springkussens. Supersterk spul’, stelt Bosma. Voordeel is dat er in korte tijd zo’n 30 kuub water door de slang kan.
Voor de boeren is de slang een uitkomst, stelt melkveehouder Jan Brouwer. ‘De worteldoekslang waait weg. De blauwe slang is veel duurzamer. Bovendien is hij effectief. De meeuwen vreten alle muizen op. Ik merk nu al een opbrengstverschil van 10 procent. Het kost wat. Inclusief pomp en haspel ben je al gauw 13.000 euro kwijt. Dat is veel geld. Maar het land opnieuw inzaaien en voer aankopen is ook duur.’

Er zijn twee methodes om land onder water te zetten. ‘Bij de olievlekmethode wordt het water naar een hoge locatie gepompt, waarna het zich verspreidt over het perceel’, legt Bosma uit.
Bij de geperforeerde bevloeislangmethode wordt de slang op het hoogste punt van de akker gelegd. De greppels worden met een zode of schot dichtgezet, zodat het water in de greppel blijft staan. Zo wordt het perceel gelijkmatig onder water gezet. ‘De methodekeuze is afhankelijk van de ligging van het perceel en de hoogteligging van het maaiveld’, stelt Bosma.
‘Als het maaiveld geleidelijk afloopt vanaf het punt waar het water op het land wordt gepompt, dan werkt dit het gemakkelijkst. Vaak is het perceel te vlak en loopt het water te snel naar de sloot, waarna niet het hele perceel onder water wordt gezet. Dan werkt de geperforeerde bevloeislang het best.’
LTO Noord en het Wetterskip roepen boeren op om het land onder water te zetten. ‘We moeten aan de slag. De muizen moeten ons niet de baas worden’, stelt Peet Sterkenburgh van LTO Noord. In tegenstelling tot vorig jaar, valt het dit jaar niet mee met de populatie muizen, voegt Bosma toe. ‘De populatie wordt nog tien tot twintig keer groter’, verwacht hij.

Er is voldoende water, ook in het IJsselmeer, stelt dagelijks bestuurder Jan van Weperen. ‘Meld het bij de rayonbeheerder als je gaat pompen. Wij kunnen inspelen op extra watervraag.’
Kramer was 4,5 jaar geleden de eerste melkveehouder die het land onder water zette. Nog steeds ziet hij dat veel boeren dat niet durven of willen. ‘Hierdoor komen boeren weer in de knel. De muizenpopulatie ontwikkelt zich nu drie, vier maanden eerder dan de vorige keer.’
Het onder water zetten is een risico, stelt de boer. ‘Wanneer de regen morgen met bakken uit de lucht valt, lacht iedereen me uit. Daarbij komt dat het ook onkruid met zich meebrengt. Ik heb meer ridderzuring in het land. Met een rugspuit bestrijd ik die.’

Risico’s inschatten
Volgens melkveehouder Romke Schaap onderschatten veel boeren hoe het aantal muizen zich ontwikkelt. ‘Dat is mij ook gebeurd. Daarvoor hoef je je niet te schamen. Het is risico’s inschatten.’ Collega Jelle Bouma bevloeit zijn land tegen muizen, maar zaaide voor het eerst ook 5 hectare mais in om muizenschade zoveel mogelijk te voorkomen. ‘De mais is een brandhaard voor de muizen, daar komen ze niet in.’

Dat muizen bestrijden met water van alle tijden is, bewijst hobbyschapenhouder Bendiks Okma. Hij heeft geen slangen nodig, hij gebruikt een gieter. ‘Dat deed ik als kleine jongen ook al. Ik kreeg een cent per gevangen muis.’

Volgens Kramer zijn de manieren van bevloeien ‘nog niet het ei van Columbus’. ‘Iedere keer als ik bevloei, ga ik er 200 procent voor, dag en nacht. We moeten op zoek naar iets wat minder arbeid vraagt. Want dit is een keer vol te houden, maar niet voor altijd.’

Foto's: Niels de Vries en Tienke Wouda

 

 

 



Bron: Nieuwe Oogst