Feike Wouda: Kies wat bij je past bij natuurinclusieve landbouw

Na drieënhalf gewerkt te hebben als beleidsadviseur bij LTO Noord., heeft Feike Wouda op 1 november onze organisatie verlaten. Feike wordt adviseur Ruimtelijke Ordening bij ingenieurs- en adviesbureau Antea Group. Hij kijkt terug op zijn werkzaamheden voor LTO Noord in Friesland en daarbuiten.

Wat doet een beleidsadviseur van LTO Noord?
‘Ruimtelijke ordening is mijn grootste aandachtsveld, met voornamelijk de trajecten rondom bestemmingsplannen.
‘Er zijn nu al enkele gemeentes, bijvoorbeeld De Fryske Marren, die bezig zijn met een omgevingsvisie die het bestemmingsplan vervangt.
‘Het is bij een omgevingsvisie nog belangrijker dan bij een bestemmingsplan om in het voortraject betrokken te zijn, in overleg te gaan met ambtenaren, maar ook met vertegenwoordigers vanuit de maatschappij. Een omgevingsvisie is een strategisch plan met een denkrichting, waar LTO Noord al vroegtijdig over mee moet praten.
‘Ook de provinciale omgevingsvisie, de veenweidevisie en de rijksvisie voor het Waddengebied, waarin wordt gesproken over de positie van de land-en tuinbouw in het Waddengebied, vroegen als beleidsadviseur mijn aandacht.’

Kun je een voorbeeld noemen wat je, samen met bestuurders, hebt bereikt?
‘Als belangenbehartiger reageer je vaak op plannen of ideeën van overheden. Maar we willen als LTO Noord ook graag proactief aan de slag, zoals bij het project ‘Zoet op Zout’. Dit is een onderzoeksprogramma om landbouw in verziltende omstandigheden te behouden. Het bestaat uit een reeks van maatregelen, variërend van meten van grondwater tot het aanpassen van drainage en Spaarwatertechnieken. Dit moet het boeren in de noordelijke schil van Groningen en Friesland ook in de toekomst nog mogelijk maken.’

Waar zie je kansen voor de Friese landbouw?
‘Provincie Fryslân heeft landbouwdeals gesloten met onder andere LTO Noord om de transitie door te voeren naar natuurinclusieve landbouw. Daarin ligt naar mijn idee de toekomst van de landbouw, maar wel passend bij de individuele ondernemer. Dat heb ik, als trekker van projecten in het kader van de deals, steeds weer ingebracht in discussies.
‘Een boer moet de vrijheid hebben om te kiezen wat bij hem past, uiteenlopend van natuurinclusief ‘light’ tot een keuze die meer richting biologisch boeren gaat. Dan krijg je draagvlak. De ondernemer moet er zelf het voordeel van zien, voor milieu, natuur en de eigen portemonnee.’

 

Bron: Nieuwe Oogst