Boerenlandvogels. Mayday, mayday!

Dat het slecht gaat met de boerenlandvogels was bekend. Al jarenlang zien we van oorsprong voorkomende weide- en akkerlandvogels in kleinere getale en soms zelfs geheel uit het landschap verdwijnen. Grutto’s, wulpen, patrijzen… ik zie ze hier niet meer.

Afgelopen weekend kwam Vogelbescherming Nederland met een brandbrief over de achteruitgang van de boerenlandvogels. Dramatische cijfers met veelal dalende tendens. De brandbrief ging gepaard met een oproep richting de provinciale politiek om voor de komende bestuursperiode keuzes te maken. De partijprogramma’s van de Drentse partijen de afgelopen periode doorlezende, is het urgentiebesef bij de huidige partijen nog niet uitermate hoog.

De door de Vogelbescherming aangehaalde oorzaken van de achteruitgang werd door de traditionele kampen op hun eigen wijze geïnterpreteerd. “Pesticidegebruik en overbemesting” versus “pak als eerst de predatoren maar eens aan” en alles daartussen. Een houding van waarin met name het eigen gelijk voorop staat, maar waarmee het gewenste doel in dit stadium niet is geholpen.

In Drenthe is enige jaren geleden door de Provinciale Staten een motie aangenomen die opriep de achteruitgang van de boerenlandvogels te stoppen. Vele partijen uit het veld hebben zich hieraan geconformeerd en zijn aan een tafel beland. Van hieruit is het zogenaamde Erm-beraad ontstaan. De vogelaars, de tellers, de vertegenwoordigers van de terreinbeherende organisaties, landbouw, jacht, provincie en natuureducatie samen aan een tafel. Ieder met hun eigen inzicht maar met een gezamenlijk doel. Er wordt gepraat en de vele dilemma’s en ervaringen, best vaak moedeloosheid, in broedresultaat worden gedeeld. Er zijn enkele initiatieven in het veld genomen waarbij enkele een voorzichtig positief verloop kennen. Vooralsnog met de meeste aandacht op een aantal kerngebieden waar het perspectief voor de korte termijn nog het gunstigst zijn. Met monitoring en biotoopverbetering in het veld, maar ook met verruimde ontheffingsverlening voor gebruik van de lichtbak voor bejaging van de vos.

Nadat het alarmerende bericht van de Vogelbescherming in het nieuws kwam, waren de reacties uit de traditionele hoeken weer voorspellend. De ene die de reguliere landbouw op de schop wil, de andere kant die bovenal wil beginnen met aanpak van de predatoren. Het regende weer verwijten. The same old song.

Zijn we dan nu op een punt beland dat we het verdwijnen van de hier vele eeuwenlang voorkomende boerenlandvogels moeten accepteren? Behoren wij tot een van de laatste generaties die zijn opgegroeid met deze mooie vogels en zullen de landerijen slechts met gans en hier en daar een ooievaar worden bevolkt? Ik wil het niet accepteren.

Er wordt veel gesproken. De intenties zijn goed, maar voor een echte ommekeer moet er wel met de nodige heilige huisjes worden afgerekend. Er zal meer evenwicht in het veld moeten komen. De biotoop, de omstandigheden voor deze insecteneters moeten beter worden. Meer afwisseling in grasland en variatie tussen gewassen en landschapselementen. Sommige gebieden zullen vernat moeten worden. Er zal een veel ruimhartiger en samenhangende aanpak van predatoren moeten komen. Er zal ook in bepaalde gebieden moeten worden geaccepteerd dat deze vanwege inrichting van het landschap en omgeving ongeschikt zijn. Er zal meer gebruik moeten worden gemaakt van innovatieve mogelijkheden. En niet onbelangrijk, er moet door de boer een belegde boterham verdiend kunnen worden. 
Jan Bloemerts

Jan Bloemerts

Boegbeeld Drenthe. Provinciaal aanspreekpunt voor Natuur & Fauna. Provinciaal aanspreekpunt voor Landelijk gebied. Provinciaal aanspreekpunt voor Infrastructuur.

Naar alle weblogs van Jan Bloemerts

Praat mee

Om mee te kunnen discussiëren dient u eerst in te loggen.