Vastlopende vergaderingen in coronatijd

De boer moet veranderen en dat is iets waarmee we iedere dag worden geconfronteerd.

Vanaf 1 januari dit jaar ben ik regiobestuurder van LTO Noord met het dossier Natuur en Fauna. Daarmee heb ik een dossier dat altijd over een vorm van duurzaamheid gaat. Stikstof, CO2, droogte en verdroging muizenschade, natuurontwikkeling om natuurdoelen te halen, ganzen, opvang reeën en damherten, wolven, weidevogels, predatoren en veenweide. Bij elk thema gaat het over de gronden van de boer en de manier van boeren. Bij de meeste thema’s zit ik met collega belangenorganisaties maar niet altijd. Aan de ‘andere’ kant van de tafel zit de provincie Fryslân, milieugerelateerde organisaties, ecologen en terreinbeherende organisaties (Fryske Gea, Staatsbos en Natuurmonumenten). De verhouding is zo ongeveer 20% agrarisch en 80% zeg maar voor het gemak idealistisch Groen Links die dit werk beroepsmatig uitvoeren.

In een vergadering is het uiteindelijk de bedoeling dat je gezamenlijk ergens op uit komt en niet dat je steeds strand op de verschillende standpunten. Niet-agrarisch noem ik nu verder voor het gemak GL. U zult begrijpen dat de idealen van GL behoorlijk afwijken van de huidige landbouw, ook al is er geen boer hetzelfde. GL voelt zich niet belemmerd door enige kennis wat de boer beweegt hoe de melk verkocht wordt en waar naar toe, niet hoe de kostenstructuren lopen en de wet- en regelgeving waar de boer mee te maken heeft.

Ik ben ook geen ecoloog, we zouden elkaar daarom goed kunnen informeren. Welnu daar gaat het al fout. GL weet mij maar wat graag te vertellen wat goed is voor de boer en hoe die het moet doen en zeggen daar rimpelloos bij dat het inkomen er door zal stijgen. Er worden vele verdienmodellen bedacht voor de boer en het lijkt daarbij wel dat niemand zich afvraagt waarom de boer dat niet zelf heeft bedacht 
Ik geloof zeker dat men oprecht, zo nu en dan met de beste bedoelingen, probeert een pot geld te lobbyen voor de boer. Helaas worden er vervolgens zoveel voorwaarden aan verbonden dat ik moet uitleggen dat de boer hier netto op achteruit gaat. In plaats van dat mij wordt gevraagd om dat verder uit te diepen, geeft GL mij meer het gevoel dat ik de boer ben die niks wil en verandervrees heb. Er wordt zelfs bij gezegd ‘daar hoeft de boer niet over in te zitten.’ Vervolgens word ik geconfronteerd met ‘die’ boer die zij dan weer wel kennen die wél met hun gewenste manier van boeren uit de voeten kan. Soms ken ik die boer waarvan ik weet dat die gewoon zo slim is dat hij GL mooi voor het karretje heeft gespannen om een potje geld naar zijn bedrijf te dragen, omdat juist hij met weinig verandering voldoet. GL wekt vaak de indruk dat in Den Haag een heel grote pinautomaat staat zonder zich af te vragen hoe die gevuld wordt, maar dat terzijde

Het vele videovergaderen belemmert het persoonlijke gesprek en het verkrijgen van wederzijds begrip in cruciale fases van processen. Het praatje voor en na het overleg en tussentijds bij de koffieautomaat geeft persoonlijke loyaliteit. Het heeft er alles van dat thuis achter het scherm een veilige haven is voor handhaving van standpunten het gemis aan debat en het tijd nemen voor consensus.
GL vindt het meer dan vanzelfsprekend dat zij zich aan hun standpunt houden dan agrarisch want anders verandert er immers onvoldoende en dat was toch de bedoeling?

Het heeft geen zin om te roepen dat extensiveren beter is voor de boer als je niet in beeld hebt wat de financiële impact is. Het riekt naar misleiding als je roept dat de zuivelindustrie er wel voor zal betalen terwijl die niks hebben toegezegd. GL denkt ook bij de banken een rentekorting te kunnen afdwingen om hun eigen idealen te verwezenlijken. De waterschapslasten te kunnen regelen en de grote industrieën te managen om de CO2-certificaten duur te kopen van de duurzame boer. De boer te vertellen hoe hij zijn koeien moet voeren en dat het wel meevalt te melken met alleen 1 juli gras, terwijl zijn voeradviseur net heeft gezegd dat hij eerder moet maaien om beter te scoren voor CO2 en daarmee eerder in aanmerking komt voor een aantrekkelijke melkstroom.

Als ik uiteindelijk een aantal zaken heb weerlegd, krijg ik te horen ‘maar wat is dan nu wel het agrarische perspectief’? Kijk dat is dan wel een goede vraag. Het is niet zo dat het iedere boer niet goed vergaat, ook al is 2020 grotendeels door corona een zeer mager jaar. Een boer beweegt niet omdat die moet bewegen, een boer beweegt als hij daar een beweegreden voor heeft, we zijn niet gek. Een boer blijft niet zitten omdat hij stilzitten fijn vindt. GL houdt er niet van om te horen wat er de afgelopen dertig jaar al gereduceerd en veranderd is ten behoeve van wet- en regelgeving, efficiëntie en duurzaamheid.

Geen bedrijf, geen boer, geen situatie, geen land is hetzelfde. Zolang het maar vrijwillig is, vindt iedere boer zijn model waar hij zich prettig bij voelt, waar hij goed in is en waar het perspectief lonkt. Daarbij kan GL best ondersteunend, lobbyend en als smeerolie werken. Waar nu de eigen idealen van GL in de weg zitten en de wederzijdse empathie voor verbetering vatbaar is, moeten we opzoek blijven naar waar we elkaar kunnen vinden. Duidelijk is dat we nooit van elkaar af zijn.
Houdt het dan nooit op?
Nee, het houdt nooit op.
Wat je er ook van vindt.

Praat mee

Om mee te kunnen discussiëren dient u eerst in te loggen.