Frank Wilting 2

Zomerserie BoerenBuren: Frank Wilting

Hij is nooit te beroerd om uit te leggen hoe hij raapstelen teelt. En wil je hem vertellen hoe zijn frambozen smaken? Graag! Bij groente- en fruitteler Frank Wilting uit het Gelderse Loo loop je zo naar binnen.

In de zomerserie in Nieuwe Oogst staat deze zomer het platform BoerenBuren van LTO Noord centraal. Op BoerenBuren zoeken boeren en tuinders met hun eigen verhaal verbinding met burgers. BoerenBuren zit op Facebook en Instagram.

Spitsuur vrijdagmiddag bij groente- en fruitteler Frank Wilting in Loo. Terwijl hij zijn medewerker Bennie – een vutter die nog geregeld klusjes voor hem doet – instrueert, komt er op hetzelfde moment een markthandelaar binnen. ‘Frank! Ik wil nog een paar kistjes van je lekkerste frambozen meenemen voor Harderwijk. En de goede boontjes.’
Daarna begint een kort steekspel tussen teler en handelaar over de beste producten en de prijs die daarvoor moet worden betaald. De handelaar is nog niet weg of een vrouw met haar twee kleinkinderen stappen de hal in. ‘Graag een paar doosjes frambozen, Frank. Keuze 2? Dat smaakt ons prima.’
De inloop kenmerkt het fruitbedrijf Wilting, vertelt de groente- en fruitteler anderhalf uur later als de dringendste werkzaamheden zijn gedaan en hij tijd neemt voor een kop koffie in het woonhuis pal naast het bedrijf. ‘Wij staan midden in de samenleving, de consument woont tegenover ons.’

Verbondenheid
Van die verbondenheid met de maatschappij was Wilting zich tot 2013 niet zo bewust. ‘Natuurlijk, ik ben vierde generatie en we boeren vanaf het begin op deze plek, dus wij zijn onderdeel van Loo. Maar in 2013 is door een storm een groot deel van het glas kapotgewaaid, het lag overal in de weilanden achter en naast ons bedrijf. Ik heb toen een paar medewerkers gevraagd of ze glas kwamen rapen. Stonden er niet veel later een kleine veertig man bij ons op de stoep om te helpen, zo gaaf. Het dorp voelt zich ook verbonden met ons.’
Wilting Groente & Fruitkwekerij bestaat uit 12.000 vierkante meter glas. Daarnaast heeft de teler nog 9.000 meter huurtuin. Sinds de overname in 1996 heeft hij zich steeds meer toegelegd op het telen van nicheproducten. Zo teelt hij de ‘vergeten groente’ raapstelen en stamslaboon, maar ook aardbeien, komkommers en natuurlijk frambozen.
Wilting verklaart: ‘De keuze was schaalvergroting of specialiseren. Dat eerste zou op deze locatie niet mogelijk zijn. Daarnaast vind ik het telen het leukste aan mijn vak. Ik geniet van het groeien en bloeien, het uitpuzzelen van een teelt.’ Het werden frambozen, in eerste instantie vanwege de teelttechnische uitdagingen. ‘Inmiddels zie ik dit zachtfruit ook als middel om ons te onderscheiden.’
Wilting teelt om feedback te krijgen. ‘Niets leuker dan wanneer die handelaar vertelt hoe ze in Harderwijk smikkelden van mijn fruit. Ik wil de lekkerste frambozen maken en hoor graag hoe ze smaakten.’
Op verschillende manieren probeert de teler die verbinding met de maatschappij te maken. Lokaal, door een seniorenvereniging zijn frambozen en aardbeien te laten proeven. Maar ook breder, door zich bij Liemers Trots en BoerenBuren aan te sluiten en te zeggen: ‘Kom bij ons langs’. Het zijn volgens Wilting middelen om contact te maken met de consument. ‘We houden ook open dag, bijvoorbeeld. Daar komt wel duizend man op af en iedereen wil weten hoe een frambozenplantje groeit.’

Weet wat je eet
Waarom vindt de teler het zo belangrijk om contact te leggen? ‘Ik geniet als de consument geniet van wat ik heb gemaakt, dat maakt mij trots. Daarnaast vind ik het belangrijk om te vertellen hoe die framboos wordt gemaakt. Weet wat je eet! Waarom moet je die Nederlandse framboos kopen en niet die uit Portugal? Ik wil vertellen hoe duurzaam ik teel. Ik hergebruik water, ga efficiënt om met energie.’
Wees als samenleving ook trots op hoe Nederlandse boeren en tuinders werken, wil Wilting eigenlijk zeggen. ‘Nederlands eten is zo goed.’
Tijdens een open dag met duizend bezoekers komt er van een ‘echt gesprek’ niet veel, erkent Wilting. Maar tijdens de inloop die zo eigen is, komt er weleens een kritische consument binnenstappen. ‘Laatst nog, een man die mij wilde overtuigen van biologisch telen. Kom maar binnen, zeg ik dan. We werden het niet eens, maar er was wel meer begrip.’

Frank Wilting 1


Bron: Nieuwe Oogst