Marcel Strijtveen

Weidevogelbeheer was begin voor meer natuurinclusief ondernemen

'Het verbaast mensen vaak: boer én natuurbeheerder, kan dat? Ja dus, en met succes!'

Kijk! Een Tureluur! De hand van melkveehouder Marcel Strijtveen schiet de lucht in en wijst richting de grijze lucht. Opgewonden: “De eerste van dit jaar, de Tureluur had ik nog niet eerder gezien. We hebben geluk vandaag.”

Strijtveen boert al vijfentwintig jaar aan de rand van het dorp Lierderholthuis, in de oudste polder van Nederland, Het Lierderbroek, in de Sallandse gemeente Raalte. De melkveehouder maakte in zijn eerste jaar al kennis met weidevogels zoals de Tureluur, Grutto en Wulp. Niet op een plezierige manier overigens: hij kwam de kuikens tegen met maaien en soms net te laat. “Dat wil je niet, want een ei uit zien komen, een kuiken op zien groeien, dat is gewoonweg schitterend. Hoe meer ik mij verdiepte in weidevogels, hoe meer ik ze ging waarderen en ze wilde beschermen. Weidevogels horen in deze polder.” En daar zet Strijtveen zich volop voor in: eerst als individu en met de weidevogelvereniging, maar sinds 2009 ook als natuurbeheerder. Toen werd hij namelijk samen met 9 andere agrariërs uit de buurt eigenaar van vijftig hectare natuurgrond. “Het verbaast mensen vaak: boer én natuurbeheerder, kan dat? Ja dus, en met succes!” Dankzij diverse maatregelen door de agrarische natuurbeheerders verdubbelde het aantal weidevogels in het gebied. “Ongelofelijk mooi.” Wat Strijtveen doet? Hij deelt zijn kennis graag.

Natuurgrond beheren voor weidevogels

De vijftig hectare natuurgrond van Het Lierderbroek is door de deelnemende agrariërs opgedeeld in werkbare percelen. In het gebied geldt naast uitgesteld maaibeleid (pas na 15 juni) een verhoogd waterpeil en de koeien worden al vroeg in het voorjaar geweid. Op de koeien(mest) komen insecten af en dat zorgt ervoor dat kuikens zich kunnen voeden. Van 1 april tot en met 15 juni zijn er geen werkzaamheden in het gebied.

Om de grond zo aantrekkelijk mogelijk te maken voor weidevogels zijn er verschillende plasdrasgedeeltes aangelegd, zijn bomen gekapt en worden velden met verschillende graslengtes gecreëerd door de agrariërs. “De resultaten zijn boven verwachting, het aantal weidevogels verdubbelde. Daar ben ik enorm trots op. Positief is ook dat veel boeren thuis aan de slag gaan met maatregelen voor meer weidevogels. Gelukkig maar, want 50 hectare is niet genoeg om de weidevogelpopulatie in stand te houden.” De agrariërs krijgt advies en hulp van onder meer de weidevogelvereniging bij het zoeken van nesten en tellen van de populatie.

LandvanWaarde: natuurinclusief boeren verwaarden

Marcel Strijtveen: “Ik merk dat er steeds meer aandacht is voor natuurinclusief ondernemen. Bij de overheid en ook bij boeren. Lastig vind ik dat natuurinclusief ondernemen verwaarden niet goed lukt. Bijvoorbeeld: door later te maaien en ruige mest op het land te brengen wordt de kwaliteit van mijn ruwvoer minder en gaat ook mijn melkproductie omlaag. Ik ontvang hiervoor een ANLB beheersvergoeding van het Collectief , maar dat is niet voldoende. Het kost mij veel tijd en geld om alle maatregelen uit te voeren en mijn product wordt minder waard. Dat klopt niet. Ook de consument lijkt niet te willen betalen voor natuurinclusieve landbouw: ik lever mijn melk aan Weide Weelde Zuivel, maar het is niet gelukt om dit merk landelijk in de supermarkt te handhaven. In het noorden lijkt dit wel te lukken. Ook heb ik mij aangesloten bij LandvanWaarde. Dit is een initiatief waarin boeren en partners uitzoeken hoe dat stapje extra dat veel boeren al zetten wél omgezet kan worden in geld. Denk aan rentekorting bij de bank of tegen een gunstiger tarief grond pachten. Het LandvanWaarde bundelt relevante en interessante vergoedingen voor boeren die aan natuurbeheer doen. Ik vind dit een hele interessante ontwikkeling, want zo maak je natuurinclusief ondernemen veel gemakkelijker voor boeren. En dat is toch wat we willen met elkaar? Het lijkt mij veel beter wanneer alle boeren 5% van hun landbouwgrond inzetten voor natuur dan wanneer enkele vooruitstrevende heel boeren heel veel doen.”

Snelle maatregelen waar weidevogels blij van worden

  • Kap hoge bomen zodat daar geen roofvogels in kunnen nesten. “Kraaien en buizerds eten de weidevogelkuikens op.”
  • Stel maaien uit en controleer van tevoren of er nesten in het weiland zitten. “Vaak zijn er vrijwilligers van de plaatselijke weidevogelverenigingen die daar graag bij willen helpen, want nesten vinden is zo gemakkelijk nog niet. Zo rent de Tureluur als afleidingsmanoeuvre eerst een stukje van zijn nest weg voordat hij opvliegt.”
  • Zorg voor aflopende slootoevers langs de weilanden. “De grens van perceel naar sloot is vaak te steil voor jonge kuikens. Ook kunnen planten en insecten zich niet meer vestigen, wat betekent minder voedsel voor de weidevogelkuikens. Hoe flauwer het talud, hoe beter.”
  • Leg een kleine plasdras aan door lage delen van het land van half februari tot 15 juli onder water te laten staan of zetten (20 cm). Het gebied fungeert als verzamelplek voor de weidevogels: hier kunnen ze rusten en eten.
  • Strooi ruige mest op beheerpercelen.
  • Laat koeien of jongvee voorweiden zodat aantrekkelijk kuikenland ontstaat. “Het zorgt voor structuur in vegetatie en het perceel. Daardoor wordt een perceel namelijk beter doorwaadbaar met meer dekking. De mest levert insecten op.”
  • Overleg met jagers uit de omgeving om predatoren zoals vossen en steenmarters te bestrijden.

Meer tips? Kijk op de website Boer en Vogels maar zie ook www.ltonoord.nl/natuurlijkkapitaal