Rona Uitentuis 2020

'Het bestuurswerk was intensief'

Rona Uitentuis hakte eind vorig jaar de knoop door: ze is niet beschikbaar voor een nieuwe termijn als provinciaal voorzitter van LTO Noord in Noord-Holland. De groeiende werkdruk op het melkveebedrijf in Middenbeemster zorgde ervoor dat ze keuzes moest maken in haar bestuurlijke activiteiten. ‘We hebben plannen voor nieuwbouw, dus dat vergt straks ook meer aandacht.’

Hoe is de taakverdeling nu op het bedrijf?
‘Ik spring bij waar nodig. We hebben sowieso geen al te strakke rolverdeling. Ik ben wel meestal het aanspreekpunt voor de recreatie en activiteiten op het bedrijf. Mijn moeder doet het meeste aan de boekhouding, terwijl mijn broer en vader zich meer op de koeien richten. En we hebben een groepsapp, waar we elkaar op de hoogte houden wat er nog moet gebeuren.’

Wat heeft de doorslag gegeven om te stoppen?
‘Het bestuurswerk voor LTO Noord was heel intensief. De afgelopen drie jaren waren hectisch. Ik kon niet beloven dat ik nog zo’n termijn kon volmaken. We runnen ons bedrijf Beemster Beleving nu nog met onze ouders, maar het is uiteindelijk de bedoeling dat ik dat met mijn broer Jan ga doen. Wat dat betreft was het de afgelopen jaren een luxe dat ik best veel buiten de deur kon zijn.
‘De functie vergt gemiddeld drie dagen in de week, wat dus goed in te plannen was. Maar als een gedeputeerde wil overleggen, moet ik er wel staan. Of bij een onverwachte ontwikkeling, zoals de commotie rond de provinciale veenweideplannen, is het bestuurswerk ineens heel intensief. Dat strookt niet altijd met de drukte op het bedrijf. Maar gelukkig had ik dus die ruimte thuis.’

Hoe heb je de afgelopen drie jaar ervaren?
‘Als best wel hectisch. En als ik zo zie wat voor dossiers er op tafel liggen, dan wordt het voorlopig niet veel rustiger. Het provinciaal voorzitterschap is een verantwoordelijke functie. Dat is best pittig. Er komt heel wat bij kijken en er staat veel op het spel. Toch kijk ik er vooral met veel voldoening op terug. Het was heel leerzaam. Ik heb veel nieuwe mensen leren kennen en ervaringen opgedaan.
‘Als voorzitter had ik intensief contact met politici en andere organisaties. Die dynamiek is ongelooflijk interessant. Samen manieren vinden om op nieuwe trends in te spelen. Wel dreigt het gevaar te ver voor de troepen uit lopen. Voor de leden is zo’n nieuwe lijn minder herkenbaar. Zodoende ben ik ook wel eens teruggefloten. Dat is dan wel even slikken, maar het gaat niet om mij. We zitten er als bestuurders voor onze leden.’

Waar kijkt u met de meeste voldoening op terug?
‘Vooral hoe we het organisatorisch hebben ingestoken. De voorzitter heeft met de ruimtelijke ordening een hele brede portefeuille. Onderwerpen als de veenweiden en het energievraagstuk zijn al dossiers op zich. Die hebben we neergelegd bij gespecialiseerde themahouders, die echt het aanspreekpunt zijn.’

Stoppen hierbij uw bestuurlijke ambities?
‘Gelukkig niet, want dat zou ik toch erg missen. Ik ben voorzitter van de raad van commissarissen bij AB Vakwerk. Waar ik bij LTO zelf op de bok zat, ondersteund door mensen op kantoor, is de raad van commissarissen een toezichthoudende taak, meer adviserend en coachend richting directie.
‘Sinds kort zit ik in de ledenraad van FrieslandCampina. Ik kijk uit naar die vorm van ondernemerschap om te proberen het bedrijf goed aan de praat te houden om zo het beste resultaat voor leden te behalen. Eigenlijk verandert er wat dat betreft niet eens zoveel.’

Bron: Nieuwe Oogst