Sandra Huysman: 'Geleerd van onderlinge gesprekken'

LTO Noord-leden uit dertien gemeenten binnen de regio Rotterdam doen mee aan de masterclass Stad en Platteland. In deze masterclass leren de deelnemers hun producten of diensten beter af te stemmen op de wensen van de consumenten in de stad. Dit initiatief wordt ondersteund door LTO Noord. In vier portretten vertellen deelnemers over hun ervaringen. Dit keer Sandra Huysman (42) uit ‘s-Gravenzande.

Wat voor bedrijf heeft u?
‘Mijn man Jaco en ik telen aardbeien onder de naam De Westlandse Aardbei. Onze kas waarin wij onze aardbeien telen, is ruim 14.000 meter groot. In onze kas houden wij 140.000 aardbeiplanten.
‘In de maand april start ons oogstseizoen van de voorjaarsteelt. In de maanden april, mei en juni oogsten we dan ruim twee derde van onze jaarproductie. Begin oktober plukken we de aardbeien van onze najaar oogst.
‘De kracht van ons bedrijf is vooral het feit dat wij heel gericht op smaak telen. Het langer laten rijpen van onze producten is voor ons mogelijk, omdat we onze producten verkopen aan de lokale markt.’

Waarom doet u mee aan de masterclass Stad en Platteland?
‘Als bedrijf willen we nog meer de verbinding zoeken met de grotere steden. Heel veel burgers weten niet hoe het er op een agrarisch en tuinbouwbedrijf aan toe gaat. Bijvoorbeeld hoe het productieproces verloopt en wat een plant aan verzorging nodig heeft om te komen tot een smaakvol product.
‘In ons bedrijf spelen we hier al bewust op in. Tijdens het oogstseizoen openen we bijvoorbeeld ieder jaar onze ‘gezonde snackmuur’. Vanuit de snackmuur verkopen we klasse 1 en klasse 2 aardbeien en onze eigen gemaakte aardbeienjam aan de consument.
‘In de masterclass Stad en Platteland krijgen we als ondernemers handvatten mee om burgers nog meer te betrekken bij ons bedrijf. Dat is voor ons de reden dat we meedoen aan deze masterclass. In de toekomst willen we hier nog meer op inspelen.’

Wat doen jullie in de masterclass?
‘In de masterclass Stad en Platteland is iedere deelnemer bezig met het opzetten van een eigen businessmodel. Dit doen we aan de hand van het Business Model Canvas (BMC), een instrument waarmee het businessmodel voor elk bedrijf in kaart wordt gebracht.
‘Met de uitbreiding van ons bedrijf willen mijn man en ik mogelijk inzetten op een expositieruimte. Daarin laten we aan de burger en dus de consument zien hoe de teelt van aardbeien in zijn werk gaat, wat daar allemaal voor nodig is en welke stappen er worden ondernomen. In de masterclass ben ik bezig met dit businessmodel.
‘Daarnaast verkopen wij op kleine schaal onze eigen gemaakte aardbeienjam. Dit willen mijn man en ik in de toekomst verder gaan uitbreiden. In deze masterclass leer je hoe je daarmee omgaat. Je kijkt hierbij niet alleen naar jouw product en de consument, maar naar het hele plaatje. Je leert bijvoorbeeld hoe je marketingtechnisch hiermee om kan gaan.
‘Verder wonen wij in deze masterclass diverse bijeenkomsten bij met interessante sprekers, cursussen en excursies.’

Wat heeft u geleerd?
‘Door te werken met het BMC, het delen van ervaringen van de deelnemers en het bijwonen van de bijeenkomsten en de excursies heb ik geleerd waar je als ondernemer tegenaan kunt lopen als je een nieuw of bestaand product zelf in de markt wil zetten.
‘Vroeger waren telers gewoon telers en ging de verkoop van jouw product via een veiling of, zoals in de melkveesector, via een coöperatie. Tegenwoordig nemen veel meer ondernemers het heft in eigen handen. Maar daar komt veel meer bij kijken dan vaak gedacht wordt. In deze masterclass leer je vooral hoe jij jouw eigen product op de markt kunt zetten, hoe je het bijvoorbeeld logistiek gaat aanpakken en ook hoe de geldstromen lopen.
‘Ik heb ook veel geleerd van de gesprekken met de andere deelnemers. De deelnemers komen allemaal uit heel diverse sectoren. Op die manier hoor je de meest interessante verhalen. Mijn man en ik hebben mede hierdoor nieuwe ideeën opgedaan, door bijvoorbeeld in de toekomst in te zetten op rondleidingen voor burgers. Op die manier betrekken we burgers nog meer bij ons bedrijf en weten zij hoe ons product tot stand komt en hoe dit productieproces verloopt.’

Wat vindt u leuk aan het in de markt zetten van een nieuw product of dienst?
‘Je komt met meerdere facetten in aanraking. Je bent bezig met je product en de marketing en je verdiept je als ondernemer echt in de markt, wat de behoefte is van de consument en hoe je daar als ondernemer op in kunt spelen.’

Wat vindt u ervan dat LTO Noord betrokken is bij de masterclass?
‘Goed. De laatste vijf à tien jaar is er veel veranderd in onze sector. We moeten als telers creatiever worden om onze producten te kunnen blijven vermarkten. Ik vind het heel positief dat LTO Noord ook hierin de leden wil ondersteunen.
‘Daarnaast is het goed dat de organisatie betrokkenheid toont. Het is belangrijk dat we met elkaar in gesprek blijven, zodat LTO ons goed kan vertegenwoordigen naar de politiek toe.’