Visiereizigers voeden LTO-vakgroep Melkveehouderij

24 leden-melkveehouders uit het hele land gingen in 2017 gezamenlijk op ‘visiereis’. Met als resultaat de nieuwe toekomstvisie van LTO-vakgroep Melkveehouderij, die eind 2017 werd gepresenteerd. Na de reis hielden de visiereizigers nauw contact met elkaar. ‘We appen bijna dagelijks over wat ons bezighoudt en wat we delen met de vakgroep’, zegt visiereiziger Guido van Hoven.

Een half jaar geleden zagen de meeste visiereizigers elkaar voor het laatst. Nu zijn ze, op een koude winterdag in januari, bijeen op een ‘terugkomdag’ op het melkveebedrijf van visiereiziger Wilfried Groot Koerkamp in Biddinghuizen. Op het programma: koffie en koek, een excursie over het bedrijf, gezamenlijk eten en een discussie met Jacomijn Pluimers van het Wereld Natuur Fonds.
Voordat het zover is, kijken drie visiereizigers en vakgroepbestuurder Wilco Brouwer De Koning terug op hun ‘reis’, waar ze nu staan en wat het visietraject hen heeft gebracht en hoe het contact is met de vakgroep Melkveehouderij.

Sollicitatie
Guido van Hoven is melkveehouder in het Limburgse Eckelrade, Bart van Berkel heeft een melkveebedrijf in Mariahout (Noord-Brabant) en Arjan Coppelmans boert in het Overijsselse Beerzerveld. Ze solliciteerden op de advertentie van LTO-vakgroep Melkveehouderij, waarin visiereizigers werden gezocht.
Ook Brouwer de Koning, melkveehouder in Heiloo (Noord-Holland) solliciteerde, maar tegelijkertijd liep zijn sollicitatie bij de LTO-vakgroep Melkveehouderij. ‘Dat was min of meer toevallig’, zegt Van Berkel. ‘In de visiegroep is dit besproken en we vonden dat Wilco kon blijven, daarmee was er een rechtstreeks contact met de vakgroep.’
Tijdens de visiereis van 117 dagen ging het er in de groep soms fel aan toe. ‘De visiegroep vormt een goede afspiegeling van de Nederlandse melkveehouderij. Van biologisch tot gangbaar, intensief en extensief, met mannen en vrouwen van alle leeftijden. Dat leidde soms tot forse discussies, maar altijd met respect voor elkaar. Er ontstond nooit ruzie’, zegt Van Hoven.
‘Dat intensieve traject maakt de visiegroep tot wat hij nu is: een groep betrokken melkveehouders, die heel open met elkaar zaken delen en in discussie gaan. Het visietraject was ontzettend leerzaam. We richten ons nu op kennisuitwisseling, van de boerenpraktijk tot wat er speelt in de maatschappij. Samen lezen we alle kranten’, vervolgt Van Hoven.

Spiegel
‘Wij laten elkaar weten wat ons beweegt, wat ons triggert. Daarmee zijn we een spiegel voor de vakgroep. Andersom werkt dat ook zo. Toen de kalverfraude speelde, konden wij ons als visiereizigers niet voorstellen dat dit zo groot zou zijn als werd gezegd’, vult Coppelmans aan.
‘Een aantal binnen de groep was ‘de Sjaak’, waarop wij tegen de vakgroep zeiden: volg maar via onze app hoe het ons vergaat. Zo wist de vakgroep ook via ons wat boeren, die van fraude waren beticht, doormaakten op dat moment. Het is voor de vakgroep heel relevant te weten wat de gewone boer doormaakt, om daarvan op de hoogte te zijn.’
Van Berkel tegen Brouwer de Koning: ‘Wij bediscussiëren actuele zaken en gaan ervan uit dat jij ze af en toe doorzet naar de vakgroep.’ Die reageert daarop bevestigend. ‘Wij krijgen allerlei signalen binnen, maar de visiegroep is wel een van de belangrijkste bronnen voor mij. Het is een geluid waar ik wat mee moet.’

Voor een belangrijk deel wordt de vakgroep gevoed door de circa honderd portefeuillehouders Melkveehouderij in de LTO-afdelingen. De vakgroep gaat tenminste vier keer per jaar op landelijke bijeenkomsten met hen in gesprek over actuele thema’s.
Ook zij hebben app-contact, in provinciale groepen. En dan zijn er de ledenbijeenkomsten in het voor- en najaar en het vele persoonlijke contact met leden. Elke provincie heeft een eigen aanspreekpunt binnen de vakgroep, bewust niet uit de eigen provincie. Zo is Brouwer de Koning contactpersoon voor Zuid-Holland en Zeeland.
Deels uit onvrede over het beleid van LTO-vakgroep Melkveehouderij gingen Van Berkel en Coppelmans de visiereis aan, met andere melkveehouders uit het land. ‘Dan merk je pas hoe moeilijk belangenbehartiging is’, blikt Coppelmans terug. ‘Je krijgt meer begrip voor bestuurders, het is niet zo dat je snel even wat kunt regelen.’
‘Door projectmatig leden in te zetten binnen LTO vergroot je de betrokkenheid. Gebruik de kwaliteiten en vaardigheden van je leden, je kunt als bestuurder niet alles zelf doen’, is zijn tip voor de vakgroep.

Landelijke klankbordgroep
Brouwer de Koning: ‘Voor het mestbeleid en diergezondheid hebben we een landelijke klankbordgroep ingesteld. En toen eind vorig jaar het Deltaplan Biodiversiteit werd gepresenteerd, hebben wij twee melkveehouders uit de visiegroep en twee akkerbouwers gevraagd hierbij aanwezig te zijn. Daar hebben zij toen ruim podium gekregen om ook de kant van de boer goed voor het voetlicht te brengen.’
Dat de visie een compromis is geworden, was voor Van Berkel wel een kleine ‘kater’. ‘De dilemma’s zijn dilemma’s gebleven.’ Van Hoven vult aan: ‘Het feit dat je ermee bezig bent en blijft, is wezenlijk belangrijk. De visie was een momentopname, maar is niet statisch. Wij hebben een stip op de horizon gezet, het proces ernaartoe is dynamisch en continu in beweging.’

‘Diversiteit melkveehouders respecteren en vooral ook benutten’
‘De toekomstvisie geeft ons als vakgroep houvast, is richtinggevend voor de vervolgslagen, die wij maken.’ Dat zegt Wil Meulenbroeks, voorzitter LTO-vakgroep Melkveehouderij. ‘We hebben de visie gebruikt voor de invulling van onze strategische agenda. En bij onze standpuntbepaling over alle thema’s, die zich voordoen, gaan we uit van de visie. Zet melkveehouders in hun kracht, is ons credo. Dat betekent: de diversiteit van melkveehouders respecteren en vooral ook benutten.’ In de toekomstvisie staat kringlooplandbouw centraal, wat terugkomt in de visie van minister Carola Schouten van LNV. ‘We hebben geprobeerd onze visie vertaald te zien in de visie van LNV’, aldus Meulenbroeks. ‘Samen met LNV zijn we nu bezig met vervolgstappen, waarbij LTO op zoek is naar integrale oplossingen. Bijvoorbeeld bij het oplossen van milieuproblemen de koppeling maken tussen mestbeleid en bijdragen aan circulaire landbouw.’

Bron: Nieuwe Oogst