Plan van aanpak ‘Vitaal, gezond en duurzaam kalf’

Een optimale zorg en goede eindbestemming voor alle kalveren, dat is de ambitie van het plan ‘Vitaal, gezond en duurzaam kalf’ van LTO Nederland, Nederlandse Zuivel Organisatie (NZO), Stichting Brancheorganisatie Kalversector (SBK) en Vee & Logistiek Nederland (VLN). Het plan beslaat de zorg voor kalveren gedurende de gehele periode, vanaf het moment dat de koe drachtig is totdat het kalf, dat niet op de melkveehouderij blijft, wordt aangeboden voor de slacht. Rode draad in het plan is transparantie en informatie-uitwisseling.

Directe aanleiding voor het plan is de afzet van kalveren, die voor de vleeskalverhouderij niet plaatsbaar zijn. In ‘Vitaal, gezond en duurzaam kalf’ is het uitwisselen van informatie een belangrijke drijfveer. Via een Kalf Volg Systeem (KVS) wordt informatie tussen de melkveehouder en de kalverhouderij gedeeld. Het systeem volgt alle kalveren van dracht tot slacht. In eerste instantie geeft het KVS een beeld waar het kalf is geweest, hoe lang het onderweg was en met welk transportmiddel. Het systeem wordt in de loop van de tijd verder ontwikkeld en worden bijvoorbeeld de prestaties van de kalveren op de kalverhouderij inzichtelijk.

In de gekozen aanpak is veel aandacht voor bewustwording bij melkveehouders. De zorg voor het kalf is belangrijk voor de hele keten en dat begint met voldoende biest. De melkveehouder heeft er een belang bij dat hij kalveren aflevert waar de volgende schakel in de keten tevreden over is. Voor de kalverhandelaar is een belangrijke, adviserende rol weggelegd. Hij zal met de melkveehouder overleggen of een kalf voor een verlengde zorgperiode op het melkveebedrijf blijft. En als het kalf na twintig dagen niet op het gewenste streefgewicht (36 kilo) is, zal het advies zijn het kalf een andere bestemming te geven. Daarover is nog overleg gaande. Handelaren gaan elke vijf jaar een bijscholingscursus volgen. Uiteindelijk mogen alleen gecertificeerde en geregistreerde handelaren nog kalveren ophalen.