Start Brexit-onderhandelingen "kon minder"

De eerste ronde onderhandelingen over een handelsverdrag tussen de EU en het Verenigd Koninkrijk is achter de rug. De eerste signalen zijn niet al te slecht. Op belangrijke struikelblokken zoals het gelijke speelveld en visserij, is er geen vooruitgang, maar dat viel bij de start ook niet te verwachten. Er moet eerst meer politieke ruimte komen.

Maar er is kennelijk in Brussel “constructief” overleg gevoerd. Kortom: het kon minder; er is hoop op een handelsdeal tegen het einde van 2020, zonder handelstarieven en quota. Dat zou goed nieuws zijn voor boeren en tuinders, want dan zou een ‘harde Brexit’ voorkomen worden. Nederland exporteerde in 2019 voor 8,7 miljard euro aan land- en tuinbouwproducten naar het VK, volgens voorlopige cijfers van Wageningen Universiteit en CBS. Doorslaggevend voor zo’n vrijhandelsdeal is echter het “gelijke speelveld”, of wat daaronder door beide partijen wordt verstaan.

De Britse regering lijkt nu beter voorbereid op de gesprekken. Vorig jaar was een grote klacht van Brussel dat de Britten dat niet waren. De Britse onderhandelaar David Frost bracht vorige week een flinke delegatie met zich mee. Aan beide zijden doen 110-120 onderhandelaars mee aan de gesprekken. Er wordt onderhandeld in 11 werkgroepen:\

  • Gelijk speelveld, denk aan milieubescherming, dierenwelzijn en staatssteunregels
  • Visserij
  • Geschillenbeslechting
  • Handel in goederen, waaronder uiteraard land- en tuinbouwproducten
  • Handel in diensten en investeringen
  • Transport
  • Energie en kernenergie
  • Arbeidsmobiliteit en werknemersbescherming
  • Juridische samenwerking
  • Onderzoek
  • Overige onderwerpen

Britse handelsdeal met de VS?
De Britten hebben hun doelen voor onderhandelingen met de VS ook bekend gemaakt. Het Verenigd Koninkrijk wil hoge standaarden handhaven op het gebied van milieu, dierenwelzijn en voedselkwaliteit. Onduidelijk blijft of het VK dan wel akkoord kan gaan met de import van chloorkippen en hormoonvlees. Ook de import van genetisch gemodificeerd voedsel wordt nu niet uitgesloten. Een dergelijke Britse concessie zou een vrijhandelsdeal met de EU heel moeilijk maken. Voor Brussel is namelijk een essentiële eis dat het VK het gros van de Europese regels blijft volgen. Maar aan de Britse kant werd herhaald dat het VK vanaf 2021 zijn ‘economische en juridische onafhankelijkheid’ herwint. Dat was nou eenmaal de reden voor Brexit. De EU wil echter dat er voor die ‘onafhankelijkheid’ een prijs betaald wordt. Kortom, van weerskanten moet nog een hoop water bij de wijn.

Brexit kost veel geld
De Britse rekenkamer heeft berekend dat de Brexit in de drie en een half jaar gerekend vanaf het referendum (23 juni 2016) de Britten meer dan 5 miljard euro gekost heeft. Aan personeelskosten ging 2,1 miljard euro op, de installatie van nieuwe digitale systemen kostte 1,7 miljard euro en externe consultants streken 333 miljoen euro op. Bedrijven werden gecompenseerd voor verliezen door de Brexit en er is 58 miljoen euro gepompt in een ‘Get ready for Brexit’ campagne.
Uiteraard houden de Britten in deze berekening geen rekening met de kosten die elders, bijvoorbeeld in Nederland, zijn gemaakt voor de Brexit. En dan moet de werkelijke schade voor de onderlinge handel nog komen, want in 2020 zijn er nog geen handelsbelemmeringen. Er is reeds handelsschade geleden door de daling van het Britse Pond: eind 2015 was de koers van één Pond nog 1,42 euro. Tegenwoordig staan we op 1,16 euro. Die schade wordt deels verhaald op de Britse consument. Tot zover nuttige informatie voor degenen die denken dat Nexit een goed idee is.

Vervolg
De onderhandelingen worden vervolgd op 18 maart, ditmaal in Londen. Vóór 1 juli moet duidelijk zijn of het eind 2020 tot een deal komt dan wel dat de overgangsperiode wordt verlengd. Politiek gezien is er nu meer ruimte voor concessies door het VK, want na de Britse verkiezingen van december 2019 is de politieke hitte rond Brexit afgenomen. Boris Johnson geniet een comfortabele meerderheid in het Britse Lagerhuis en heeft dus meer onderhandelingsruimte. Maar EU-onderhandelaar Michel Barnier waarschuwde vorige week: vanaf 1 januari 2021 is het niet langer ‘business as usual’. Het blijft niet zoals nu.

Inzet LTO
Onze inzet is toch om de handel met het VK zoveel mogelijk ongehinderd door te laten gaan. In 2020 is dat dus nog het geval, maar vanaf 1 januari 2021 mag daar niet op worden gerekend. In Brussel werken we samen met onze Europese landbouworganisatie COPA-COGECA en in het VK met de National Farmers’ Union. Vorige week hebben we in een brief aan de onderhandelaars Barnier (EU) en Frost (VK) onze belangen nogmaals onder de aandacht gebracht. Samen met de collega-organisaties organiseert LTO in juni een bijeenkomst in Brussel om de druk op de ketel te houden.

Klaas Johan Osinga
kjosinga@lto.nl