Akker - Jan Overeem

Door Private partijen laten onteigenen? Slecht idee

De Federatie Particulier Grondbezit (FPG) en LTO Nederland zijn kritisch over het gisteren gepubliceerde advies ‘Grond voor gebiedsontwikkeling’ van de Raad voor de leefomgeving en infrastructuur (Rli). De Rli adviseert om private partijen ook te kunnen laten onteigenen en daarnaast dat onteigening ook mogelijk moet zijn bij nog weinig concrete omgevingsplannen. TFPG en LTO Nederland vinden dat het eigendomsrecht door het advies van Rli wordt aangetast Tot nu toe is onteigening alleen mogelijk door de overheid en nadat aan strenge criteria is voldaan. FPG en LTO Nederland willen hieraan vasthouden en roepen daarbij in herinnering dat nog zeer recent zowel de Kamer als Minister Schultz aangaven het essentieel te achten dat “de positie en rechtsbescherming van de eigenaar op zijn minst gelijkwaardig blijft”.

Onteigenen alleen door overheid

De Rli vindt dat gemeenteraden de ruimte moeten krijgen om private partijen, zoals projectontwikkelaars en consortia, zorginstellingen en woningbouwcorporaties, gebruik te laten maken van instrumenten als onteigening (p. 17 en 94). Ook verdedigt de Raad de al bestaande onteigeningsbevoegdheid van semioverheden of uitvoeringsorganen als Tennet, Rijkswaterstaat en Prorail. 

De FPG en LTO Nederland hebben hier ernstige bezwaren tegen. Projectontwikkelaars en andere belanghebbenden zijn commerciële partijen op de grondmarkt, of hebben de neiging zich zo te gedragen. Dit zet de onafhankelijkheid en zorgvuldigheid  van de onteigeningsprocedure onder druk. Het gevaar van een onzorgvuldige afweging is versterkt aanwezig doordat “partijen betrokken bij opgaven in de fysieke leefomgeving geregeld aanlopen tegen een negatieve exploitatie of niet-sluitende businesscase”, zoals de Rli schrijft (p. 13) in het advies ‘Grond voor gebiedsontwikkeling’.  

Bij onteigening moeten plannen concreet zijn

FPG en LTO Nederland vinden het belangrijk dat er voor onteigening strikte eisen gelden.  Dat betekent dat onteigening alleen aan de orde kan zijn als er concrete en realiseerbare plannen zijn en als de eigenaar de nieuwe bestemming die de gemeente heeft gelegd op zijn eigendom niet zelf kan realiseren . 
De Rli vindt dat de huidige strikte eisen aan het ruimtelijk omgevingsplan niet goed passen bij de uitgangspunten van de nieuwe Omgevingswet die uitgaat van globalere planvormen. Ook om die reden bepleit RlI versoepeling bij het inzetten van het instrument onteigening. FPG en LTO Nederland vinden dat hiermee onteigening te gemakkelijk kan worden ingezet. Het vergroot de onzekerheid bij grondeigenaren over hun rechtspositie. Ook het belangrijke principe van zelfrealisatie komt erdoor onder druk te staan.

Voldoende mogelijkheden met huidige bevoegdheden

LTO Nederland en FPG vinden dat de Raad te snel grijpt naar de uitbreiding van bevoegdheden, en onvoldoende heeft onderzocht hoe binnen bestaande regelgeving sneller overeenstemming bereikt kan worden met grondeigenaren. Het onderzoek ‘Omgaan met private grond voor publieke doelen’ (Holtslag-Broekhof, 2016) biedt hier de nodige aanknopingspunten voor. In dit licht bezien zijn LTO en FPG wel positief over het advies van de Raad om de eigenaar het recht te geven binnen zes maanden na de start van de onderhandelingen over minnelijke verwerving, een redelijk bod van de onteigenende partij te ontvangen.