Landschap - Weg

LTO voorwaardelijk positief over politiek Klimaatakkoord

LTO Nederland onderschrijft de urgentie van het klimaatprobleem.

LTO was het vorig jaar december dan ook eens met het ontwerpakkoord van de klimaattafel Landbouw & Landgebruik. Vervolgens is het kabinet met eigen voorstellen en aanvullingen op het akkoord gekomen. Inmiddels heeft LTO deze kabinetsvoorstellen voorgelegd aan de LTO-bestuurders en haar achterban via ledenbijeenkomsten en een -enquête. Hoewel het stikstofprobleem op dit moment voor de 54.000 Nederlandse boeren en tuinders de hoogste prioriteit heeft, is er een positieve grondhouding om bij te dragen aan de totale broeikasgasreductie van 49% in 2030. LTO stelt aan de uitvoering van dit centrale doel van het Klimaatakkoord echter een aantal belangrijke randvoorwaarden die vandaag zijn voorgelegd aan voorzitter Nijpels van het Klimaatberaad en minister Schouten van het ministerie van LNV.

LTO kan zich niet onvoorwaardelijk committeren aan de verstrekkende doelen voor de landbouwsector. De haalbaarheid én betaalbaarheid zijn afhankelijk van de financiële, beleids- en innovatieruimte waarmee de overheid de boeren en tuinders tot 2030 tegemoetkomt. Ook de inzet van de betrokken ketenpartijen van de klimaattafel Landbouw & Landgebruik is relevant.

“We kunnen en gaan geen ongedekte cheques tekenen. Als ondernemers die in en met de natuur werken, voelen wij de gevolgen van de klimaatverandering als eerste. Onze uitstoot is sinds 1990 daarom al met een vijfde teruggebracht. Dat is meer dan welke sector dan ook. Daar gaan we ook mee door. Maar de stikstofcrisis heeft het vertrouwen van boeren en tuinders een flinke knauw gegeven. We gaan per maatregel beoordelen of en hoe de overheid en betrokken partijen onze inzet financieel en beleidsmatig ondersteunen”, aldus Marc Calon, voorzitter van LTO Nederland. “Elke maatregel moet daadwerkelijk bijdragen aan duurzaamheid én bedrijfseconomisch haalbaar zijn.”

Ledenbijeenkomsten en -enquête
LTO heeft de afgelopen maanden via ledenbijeenkomsten en -enquête haar achterban geraadpleegd over het Klimaatakkoord. Volgens de leden is het al dan niet implementeren van klimaatmaatregelen afhankelijk van bedrijfseconomische afwegingen en voordelen voor de bedrijfsvoering. Voor het behalen van de klimaatambities zijn bestendig overheidsbeleid met passende wet- en regelgeving en de inpasbaarheid in de bedrijfsvoering onontbeerlijk. Maatregelen moeten ook per gebied op hun effectiviteit worden beoordeeld. In het cultuurhistorisch landschap van veenweidegebieden zijn bodemdaling en CO2-uitstoot bijvoorbeeld complex met grote regionale verschillen.

Financieel en bestendig beleid
Maart jl. bevestigde het Planbureau voor de Leefomgeving in haar doorrekening van het ontwerp klimaatakkoord dat de individuele agrarisch ondernemer de koers niet eenvoudig kan verleggen. De verbinding met en de afhankelijkheid van ketenpartners en overheid zijn te groot. Leden voeren ook aan dat investeringen eerst moeten zijn afgeschreven, voor er koerswijzigingen kunnen plaatsvinden.

De investeringen voor de agro-doelambities waarbij LTO direct betrokken is, worden geschat op circa 11 miljard euro. LTO beschouwt de door minister Schouten vrijgemaakte 970 miljoen euro tot 2030 als een mooie eerste stap. Maar zo’n 3,5 miljard euro wordt nu niet afgedekt door subsidies of de markt. De veronderstelling van het kabinet dat boeren de klimaatkosten kunnen afdekken met toekomstige GLB-gelden (Gemeenschappelijk Landbouwbeleid) is onrealistisch.

Marc Calon: “Ondanks het feit dat uiteindelijk slechts 14% van de broeikasgassen daadwerkelijk op ons conto komt, hebben onze leden een kritische maar positieve grondhouding om de broeikasemissies verder terug te dringen. Zo’n zes op de tien van onze leden onderschrijven de internationale en nationale doelen voor broeikasgasreductie en staan achter de reductiedoelstellingen voor de agrarische sector. De Nederlandse land- en tuinbouwsector wil zijn verantwoordelijkheid nemen als het om het klimaat gaat. Maar als de stikstofcrisis een ding nogmaals duidelijk heeft gemaakt, dan is het wel dat bestendig overheidsbeleid op inhoud, proces en financiële tegemoetkoming onontbeerlijk zijn. ”

 

Bron: LTO Nederland