BestWatt zonne-energie kleine windmolen

Dag en nacht stroom met energie uit zon en wind

De combinatie van zonnepanelen en windenergie kan een ideale combinatie zijn voor kalverhouders om 100 procent zelfvoorzienend te zijn in de energievoorziening.
Energie opwekken met zonnepanelen lijkt intussen meer regel dan uitzondering op boerenerven. Van windenergie maken veehouders veel minder gebruik.

Toch lijkt de combinatie van zon- en windenergie een ideale combinatie, zeker voor kalverhouders die een relatief hoog energieverbruik hebben. “Windmolens leveren vooral in de nacht en in de winter, op momenten dat zonnepanelen geen of weinig productie hebben”, zegt Wouter Veefkind van Projecten LTO Noord. Wind is volgens hem een goede aanvulling op zonnepanelen.
Voor de goede orde: we spreken hier over kleine windmolens tot ongeveer 25 meter hoog. Kees van Luttikhuizen van BestWatt uit Barneveld levert zonnepanelen en kleine windmolens. Hij ziet vooral mogelijkheden voor bedrijven die meer dan 40.000 kWh aan energie verbruiken. Salderen is nu nog verplicht voor energiemaatschappijen, maar dit gaat per 1 januari 2023 veranderen. De aan het net geleverde energie gaat dan veel minder opbrengen dan nu het geval is. Juist daarom is de combinatie van zon- en windenergie interessant: Van Luttikhuizen: “Zelf opwekken, zelf gebruiken.”

110 procent van jaarlijks gebruik
De kunst is volgens Van Luttikhuizen daarom om een combinatie te maken tussen zon- en windenergie waarbij ongeveer 110 procent van het jaarlijkse gebruik opgewekt wordt en de veehouder minimaal stroom hoeft te leveren aan het net, of hoeft bij te kopen. Wat de verhouding is tussen zonne- en windenergie is per locatie afhankelijk. Een kleine windmolen die op jaarbasis in Gelderland 25.000 kWh levert, levert in Groningen jaarlijks 30.000 tot 35.000 kWh. Ook de ligging van de stal speelt mee wat betreft de opbrengst van de zonnepanelen. Leveranciers maken per locatie een passend voorstel, afgestemd op het verbruik.

Veefkind geeft aan dat windenergie een langere terugverdientijd heeft (tien jaar) dan zonne-energie (vijf jaar). Van de andere kant is de combinatie van zon en wind gunstig voor de hoofdzekering van de stroomaansluiting. Met alleen zonnepanelen moet de hoofdzekering vaak omhoog gezet worden, bijvoorbeeld van 50A naar 63A. De jaarlijkse vergoeding hiervoor is hoger. Bij een forse verzwaring kan het ook voorkomen dat de gehele aansluiting (kabels en verdeelkast) zwaarder uitgevoerd moet worden. Met de combinatie van zon en wind kan de huidige aansluiting in de meeste gevallen gelijk blijven.

Terugverdientijd zeven tot acht jaar
Een windmolen kost afhankelijk van type en capaciteit tussen de 45.000 en 60.000 euro. De kosten van zonnepanelen zijn afhankelijk van de ligging en benodigd aantal. BestWatt biedt zijn klanten een huurkoopconstructie aan. Hierbij levert het bedrijf de zonnepanelen, windmolen en alle andere benodigde apparatuur. De veehouder betaalt gedurende zeven tot acht jaar een vast bedrag dat meestal overeenkomt met de kosten die betaald worden aan de huidige energieleverancier. “Maar ondernemers kunnen bij ons ook een deel van de installatie bij aanvang betalen.”

Omdat de meeste kalverbedrijven 24/7 een energievraag hebben via ventilatoren met daar bovenop piekbelastingen in de ochtend en avond (opwarmen van de melk) vullen zon- en windenergie elkaar aan. Het overaanbod aan energie kan op een kalverbedrijf bovendien worden opgeslagen. Waait het ’s nachts hard, dan kan de energie alvast gebruikt worden om het water van de ochtendvoedering op te warmen. Schijnt de zon in het voorjaar uitbundig, dan kan het water van de avondvoedering opgewarmd worden. Het voorraadvat van het water werkt zo als een accu.

De ervaring leert dat ondernemers zelf meer gaan nadenken hoe ze het meest efficiënt de zelfopgewekte energie kunnen benutten. Als de zonnepanelen overdag voldoende energie leveren, is het handiger om de voerkar overdag op te laden in plaats van ‘s nachts. Bovendien draagt het zelf opwekken van stroom bij aan de duurzaamheid van het bedrijf en de sector. In de Klimaatwet staat dat Nederland in 2030 de CO2-uitstoot met 49 procent moeten hebben verlaagd ten opzichte van 1990 en in 2050 met 95 procent. Een zelfvoorzienend bedrijf draagt hieraan bij.

Niet overal in bestemmingsplan
Een vraagstuk bij het plaatsen van een kleine windmolen is dat niet alle gemeenten windmolens hebben opgenomen in het bestemmingsplan, alhoewel ze op dit moment wel in actie komen vanwege de energietransitie. Vaak zijn het nog de provincies die een beleidslijn uitzetten in hun ruimtelijke plannen, waarna gemeenten hierop aansluiten. De maximale hoogte van een kleine molen zoals beschreven in het bestemmingsplan is daarbij een belangrijk item. Een molen van 30 meter hoog levert vier keer zo veel energie dan een molen van 15 meter hoog. Veehouders kiezen daarom het liefst voor een molen van rond de 25 meter. Dit is niet overal toegestaan.

Een ander punt wat betreft het economische rendement is de locatie van de kleine windmolen. Tot nu toe is een molen alleen toegestaan op bouwblokken. Als er puur naar de energieopbrengst gekeken wordt, is het rendabeler om de windmolen in het open veld buiten het bouwblok te plaatsen. Er komt ook een nieuwe SDE-regeling waarin de windmolens waarschijnlijk worden opgenomen. Inhoudelijk is echter nog niet bekend hoe de nieuwe regeling eruit komt te zien.

Een jaar naar tevredenheid gedraaid
De kalverhouders Wouter en Arien Evers uit Putten (Gld) wekken vanaf 2019 energie op via 256 zonnepanelen en een kleine windmolen van 25 meter hoog. De totale installatie is berekend op een stroomvoorziening van 130 procent ten opzichte van het energiegebruik in 2018. Nu ze een jaar naar tevredenheid werken met de nieuwe stroomvoorziening, overwegen ze een warmtepomp of ketel met warmtestaven aan te schaffen zodat het water opgewarmd kan worden van 7 graden tot 80 graden Celsius met de energie die dagelijks over is. Op deze manier gaan ze efficiënt om met de eigen opgewekte energie.

Bron: De Kalverhouderij / Will van Hoof
Foto: BestWatt