Hieronder vindt u een overzicht van veelgestelde vragen. Klik op het driehoekje vóór de vraag om het antwoord erop te lezen. Staat uw vraag er niet bij? Stel hem aan LTO Noord via info@ltonoord.nl.

Waar vind ik informatie over de registratie en kentekenplicht?

Bestaande en nieuwe landbouwvoertuigen die op de openbare weg rijden moeten per 1 januari 2021 worden geregistreerd. Een wetsvoorstel hiertoe is in mei 2020 door de Eerste Kamer goedgekeurd en treedt vanaf 1 januari 2021 in werking. Alle informatie over het registreren van landbouwvoertuigen is beschikbaar op de website van de RDW . LTO heeft een ‘wegwijzer’ gemaakt waarin overzichtelijk de te nemen stappen/keuzemomenten voor de registratie/kentekening zijn uitgewerkt.. Via die link is ook een vlog van bestuurder Alfred Jansen te raadplegen waarin hij naar de beschikbare informatie op de LTO-site wijst maar waarbij hij ook benadrukt welke andere aspecten gekoppeld zijn aan de nieuwe wetgeving:

- snelheidsverhoging voor het landbouwverkeer naar 40 km/u

- betere toegang tot provinciale/rondwegen voor een snelle en veilige doorstroming van het landbouwverkeer
- één loket voor ontheffingverlening
- geen APK-plicht voor landbouwvoertuigen die op land- en tuinbouwbedrijven gebruikt worden.

 

Hoe zit het nu met de APK-plicht voor trekkers die op landbouwbedrijven worden gebruikt en die sneller kunnen dan 40 km per uur?

Voor trekkers met een motorconstructiesnelheid van > 40 km/u die op land- en tuinbouwbedrijven gebruikt worden geldt wel de registratieplicht maar niet de APK-plicht.

De tekst van de regeling is:

Overeenkomstig de richtlijn is er een uitzondering voor landbouw- of bosbouwtrekkers op wielen die worden gebruikt voor landbouw-, tuinbouw-, bosbouw-, veeteelt- of visserijdoeleinden en die hoofdzakelijk rijden op het terrein waar zulke activiteiten plaatsvinden, met inbegrip van landwegen, bospaden of     akkers. Het criterium van ‘hoofdzakelijk’ is hierbij echter lastig in te vullen. Daarom zal in de praktijk worden gekeken naar de werkzaamheden waarvoor het desbetreffende voertuig wordt gebruikt, waarbij wordt uitgegaan van de aard van het bedrijf dat de werkzaamheden verricht. Als het voertuig in gebruik is bij een bedrijf dat actief is in de landbouw, tuinbouw, bosbouw, veeteelt of visserij, valt het onder de uitzondering op de APK-plicht. Dit ter afbakening ten opzichte van snelle LBT’s die ter vervanging van vrachtwagens in lokale transportactiviteiten en voor commercieel goederenvervoer over de weg worden gebruikt. Juist voor die LBT’s is de APK-plicht bedoeld, omdat die een risicoprofiel hebben vergelijkbaar met vrachtwagens en voor dezelfde doeleinden worden gebruikt. Door ook voor die LBT’s een APK-plicht voor te schrijven ontstaat er een gelijk speelveld tussen de twee voertuigsoorten. Snelle LBT’s die worden gebruikt voor bouwverkeer vallen niet onder de uitzondering en zijn APK-plichtig. Ook snelle LBT’s (in de grensstreek) die af en toe in het buitenland komen vallen onder de APK-plicht, omdat het hier een nationale uitzondering betreft.

 Om aan te tonen dat het bedrijf actief is in de land- of tuinbouw kan een uittreksel uit het handelsregister worden gebruikt. De daarop aangegeven SBI  code geeft de sector aan waarbinnen het bedrijf actief is.

 

Moet mijn werktuig een kentekenplaat dragen?

Belangrijk voor de beantwoording van deze vraag is de definiëring van een aanhanger. Deze stuurt om een as en zwenkt niet uit. Een half gedragen werktuig, zoals een getrokken hark, schudder, spuitmachine of rooimachine is dus ook een aanhanger en moet een kentekenplaat hebben.

Aanhangwagens die niet harder gaan rijden dan 25 km/uur zijn niet registratie plichtig en hoeven geen gele kentekenplaat te voeren. Wel moet een witte volgplaat zijn gemonteerd. Het kenteken van de  witte volgplaat hoeft niet dezelfde te zijn als die van de trekker maar moet gelijk zijn aan één van de kentekens van de trekkers die door de eigenaar geregistreerd zijn. Als de witte volgplaat wordt gekoppeld aan de trekker die het langst op het bedrijf zal zijn, voor zover in te schatten, worden de kosten voor een witte volgplaten beperkt.  

Aanhangwagens die harder gaan rijden dan 25 km /uur, en daarvoor geschikt zijn, moeten uiterlijk 1-1-2025 zijn geregistreerd en een geel kenteken voeren. Als ze niet geregistreerd worden dan moeten ze een witte kentekenplaat voeren en mogen ze niet harder rijden dan 25 km/u.

Is het leeggewicht van het getrokken voer- of werktuig meer dan 3.5 ton, zoals een rooier, maar zijn er geen eigen remmen, dan is registratie niet mogelijk. Het voertuig dient dan witte plaat te voeren en mag niet harder rijden dan 25 km/u. Als een aanhanger technisch geschikt is om harder dan 25 km/u te rijden dan is het advies om deze aanhanger te registreren. Ook als u als ondernemer hiermee niet harder wilt rijden dan 25 km/u. tijdens de conversie is het mogelijk om voor E30,00 de registratie, inclusief kentekenplaat, te organiseren. Als u van registratie afziet maar dit na de conversieperiode alsnog wilt doen zijn de kosten voor goedkeuring door de RDW een veelvoud van deze € 30,00.

Ook getrokken werktuigen die langzamer rijden dan 25 km/u maar een ontheffing voor afmetingen of aslasten nodig hebben zijn registratie plichtig en moet je nu registreren en van een kenteken voorzien.

Hangende werktuigen, hoeven geen kentekenplaat te dragen, mits de kentekenplaat van de trekker zichtbaar is. Het kan voorkomen dat de kentekenplaat niet zichtbaar is, door het gedragen werktuig. Net als bij een fietsendrager moet het werktuig dan voorzien zijn van een witte plaat met het kenteken van de trekker.


Waarom moeten ondernemers met een maatschap voertuigen registreren via Digid en kan een rechtspersoon of een VOF een voertuig registreren via e-herkenning?

Het is nu niet mogelijk om voertuigen op naam te zetten van een maatschap. Het klopt dat een maatschap een vennootschap zonder rechtspersoonlijkheid is. Echter is in de toelichting op de wet, bij artikel 1 vierde lid, opgenomen dat de gelijkstelling van rechtsvormen zonder rechtspersoonlijkheid met rechtspersonen wordt beperkt tot vennootschappen zonder rechtspersoonlijkheid zoals vennootschappen onder firma. Een maatschap wordt niet gelijkgesteld. Dat betekent dat de registratie van voertuigen van een maatschap toch op naam van één van de maten moet plaatsvinden. LTO  heeft dit samen met Cumela met de RDW besproken. Er is een wetwijziging nodig om dit aan te kunnen passen. LTO en Cumela gaan zich inzetten om een oplossing te vinden.

Waarom is het voor de ‘omwisseling’ van een GV-kenteken noodzakelijk dat daarvoor alle gegevens weer ingevoerd moeten worden? De informatie is toch bekend?

De RDW geeft aan: Het is echt noodzakelijk dat de gegevens ingevoerd worden. Er is informatie aangeleverd in de aanvraag voor het GV-kenteken. Maar dit was geen tenaamstelling. Ook is niet te garanderen dat het betreffende kenteken nog bij het voertuig is waarvoor het kenteken is afgegeven. Daarnaast zijn de historische gegevens maar zeer beperkt en mogelijk tussentijds veranderd.

Moet ik een voertuig dat niet op de weg komt ook registreren?

Voertuigen die niet op de openbare weg komen hoeven niet te worden geregistreerd. Toch is het advies om deze wel te registreren met het oog op toekomstig gebruik of verkoop. Als later toch besloten wordt om op de openbare weg te komen moet het voertuig worden gekeurd en daarvan zijn de kosten veel hoger dan € 18, zoals nu in de conversie periode. Ook bij verkoop is registratie veelal een voorwaarde. Verzekeren van het voertuig of werktuig is dan wel verplicht maar door het schorsen van de registratie hoeft het voertuig voor die periode ook niet verzekerd te worden.

Moet een witte volgplaat gevoerd worden op het niet-trekkend voertuig achter een trekkend voertuig waar (nog) geen kentekenplaat op hoeft omdat het voertuig minder dan 25 km per uur gaat rijden?

Een aanhanger hoeft in die situatie (<25 km/u) pas een witte volgplaat te voeren als het trekkende voertuig een kenteken draagt. Dus uiterlijk per 1-1-25.

Maar als een aanhanger technisch geschikt is om harder dan 25 km/u te rijden dan is het advies om deze aanhanger te registreren in 2021. Ook als u als ondernemer hiermee niet harder wilt rijden dan 25 km/u. Tijdens de conversie is het mogelijk om voor € 30,00 de registratie, inclusief kentekenplaat, te organiseren.

Als u van registratie afziet maar dit na de conversieperiode alsnog wilt doen zijn de kosten voor goedkeuring door de RDW een veelvoud van deze € 30,00. Dat is aanzienlijk prijziger dan het registreren in de conversieperiode.

Ook getrokken werktuigen die langzamer rijden dan 25 km/u maar een ontheffing voor afmetingen of aslasten nodig hebben zijn registratieplichtig en moet je nuregistreren en van een kenteken voorzien.

Ik wil een aanhanger huren. Moet ik dan een kentekenplaat aanbrengen op de gehuurde aanhanger? De trekker mag 42 km/h rijden.

De RDW geeft aan dat de verhuurder de kentekenplaat moet aanvragen en aanbrengen. De huurder mag ervan uit gaan dat dit geregeld is .De machine staat dan op de naam van de verhuurder en moet deze ook verzekeren. 

Kan de de afgeknotte driehoek, die bedoeld was voor de 25 km regeling nu, van het voertuig worden verwijderd?

De afgeknotte driehoek verdwijnt. Een overweging  kan zijn om die driehoek toch te blijven gebruiken ter bevordering van de zichtbaarheid van de voertuigen. Maar dat is geen verplichting.

Hoe lang mag een combinatie van (land)bouwvoertuigen en aanhangwagens maximaal zijn?

Vanaf 1 januari 2016 mogen combinaties van (land)bouwvoertuigen en aanhangwagens maximaal 18,75 meter lang zijn. Wanneer de tractor een balenklem in de fronthef heeft, telt deze mee voor de lengte. De lengte wordt dan gerekend vanaf de voorkant van de balenklem tot de achterkant van de aanhangwagen. Ook als de voorkant van de balenklem zich op bijvoorbeeld 3 meter hoogte bevindt. Deelbare lading, zoals balen, mag maximaal 1,00 meter achter de aanhangwagen uitsteken.

Wanneer mag er niet meer met een aanhangwagen voor transport met een bredere opbouw dan 2,55 worden gereden?

Vanaf 1 januari 2025 mag er niet meer met aanhangwagens voor transport met een bredere opbouw dan 2,55 meter worden gereden. Dit geldt ook voor alle reeds in gebruik zijnde kippers en silagewagens. Er is sprake van een uitfasering van deze aanhangwagens vanaf 2025. Vanaf 2016 mogen nieuwe types aanhangwagens die voldoen aan Europese typegoedkeuring op grond van Verordening 167/2013 al niet breder zijn dan 2,55 meter.

Moet een landbouwvoertuig verplicht gebruik maken van passeerstrook om auto’s voorbij te laten gaan?

Ja, er zijn twee verkeersborden speciaal voor landbouwvoertuigen. De nieuwe borden regelen het verplichte gebruik van passeerstroken en zijn bedoeld voor landbouwtrekkers en motorrijtuigen met beperkte snelheid (tot 25kilometer per uur). Ook grondverzetmachines en shovels horen hier bij. Staat er zo’n bord, dan moeten zij op de passeerstrook gaan rijden om snellere weggebruikers voorbij te laten gaan. Het bord betekent niet dat landbouwverkeer altijd op deze strook moet rijden. Dus als er geen auto achter de trekker rijdt hoeft de trekker niet over de passeerstrook. De nieuwe borden zijn bedoeld ter verduidelijking van bestaande verkeerssituaties. Wegbeheerders hoeven dan ook niet op stel en sprong de bebording aan te passen.

Waar kan ik informatie vinden over het Trekkerrijbewijs?

Op de website van de Rijksoverheid staat een document met veelgestelde vragen over het Trekkerrijbewijs.

Kom ik in aanmerking voor een tegemoetkoming van het T-rijbewijs?

Vanaf 1 september 2016 kunnen werknemers in de sectoren Dierhouderij, Paddenstoelen en Open Teelten een tegemoetkoming aanvragen in de kosten voor het behalen van het T-rijbewijs. Deze subsidie is onderdeel van de cursusgroepenregeling. 

Werknemers kunnen de subsidie aanvragen in CAS, het digitale administratiesysteem van het fonds Colland Arbeidsmarkt. Het gaat hier om een eenmalige vergoeding van kosten die zijn gemaakt voor het behalen van het T-rijbewijs. De declaratie moet uiterlijk twee maanden na de laatste cursusdag binnen zijn. De genoemde sectoren hanteren verschillende voorwaarden wat betreft de vergoedingspercentages en maximale hoogte van de vergoeding per werknemer. Kosten die zijn gemaakt vóór de ingangsdatum van de subsidieregeling komen niet voor vergoeding in aanmerking. De regeling geldt voor werknemers die in loondienstverband werken bij een bedrijf in de genoemde sectoren. Het is niet van toepassing voor bijvoorbeeld ZZP-ers, uitzendkrachten en pay-rollers. Het is van toepassing voor leerlingen in het BBL onderwijs (4 dagen werken, 1 dag naar school). Klik hier voor meer informatie.

Sinds 1 januari 2017 is er een aparte regeling voor BOL-leerlingen en leerlingen uit het Praktijkonderwijs die stage lopen bij bedrijven in de genoemde sectoren. De bedrijven moeten wel aangesloten zijn bij Colland Arbeidsmarkt en premie afdragen aan het fonds. Voor hen is de regeling van toepassing tot 31 december 2019. Klik hier voor meer informatie.  

Ook de loonwerksector kent een subsidieregeling voor het T-rijbewijs. Deze wordt niet uitgevoerd via Colland maar uitsluitend via Cumela Nederland. Op Groen, Grond, Infra vindt u algemene informatie, een aanvraagformulier en een lijst met veel gestelde vragen over de regeling.

 
 

Zijn de kosten van de opleiding voor het trekker rijbewijs van mijn kind en het examen ook aftrekbaar en kan de BTW ook worden verrekend?

De Belastingdienst geeft aan dat de wetgeving hierover op zich duidelijk is en moet worden toegepast. Als er een zakelijke relatie is tussen het kind en het bedrijf, bijvoorbeeld een loondienstverband, dan zijn de kosten aftrekbaar als het bedrijf deze betaald. De betaalde BTW is dan terug vorderbaar. Als er geen zakelijke relatie is dan zijn de kosten volgens de Belastingdienst niet aftrekbaar. De ouders van een kind dat een T-rijbewijs heeft gehaald kunnen de kosten voor het T-rijbewijs niet aftrekken van de inkomstenbelasting.


Ben ik verzekerd zonder T-rijbewijs?

Het trekkerrijbewijs is nodig voor het rijden met een trekker op de openbare weg maar niet  voor het rijden op het eigen erf. Om eventuele schade via een verzekering te kunnen claimen is een trekkerrijbewijs niet verplicht.  Een aantal agrarische verzekeraars kent een ruime dekking op het landbouwmaterieelverzekering. Daarbij is  schade veroorzaakt door jeugdige bestuurders, vanaf twaalf jaar, ook gedekt mits het op de eigen locatie gebeurt. Voor een beperkter aantal verzekeringen geldt dit eveneens voor letselschade.  Het is verstandig om te checken hoe het in uw verzekeringspolis is geregeld. 

Waar kan het T-rijbewijs behaald worden?

Op de website van het CBR, kunt u een overzicht openen met rijopleiders van het T-rijbewijs. Klik vervolgens op opleiders.



Wanneer je niet op de openbare weg komt, ben je dan verplicht een T-rijbewijs te behalen?

Nee, voor het besturen van een trekker op het eigen erf of op de akker is het T-rijbewijs niet verplicht. Zodra men de openbare weg betreedt is een T-rijbewijs verplicht. Let wel op de verzekering, zie hiervoor de volgende vraag.

Ik heb een ontheffing aangevraagd, waar moet ik bij het vervoer op letten?

Voertuigen die de wettelijke afmetingen overschrijden moeten een geel zwaai-, flits- of knipperlicht voeren dat vanuit alle richtingen te zien is. De bestuurder moet de ontheffing van de wegbeheerder bij zich hebben en aan de handhaver kunnen laten zien. Verstandig is om op het voertuig een kopie van de ontheffing te hebben en het origineel in de eigen administratie te bewaren.

Ben ik verplicht modderborden te plaatsen bij modder op de weg?

Door het plaatsen van waarschuwingsborden en het schoonhouden van de weg kunnen ongelukken door modder op de weg worden voorkomen. Wettelijk gezien is het verkeersdeelnemers verboden zich zo te gedragen dat als gevolg van zijn of haar gedrag gevaar of hinder ontstaat, laat staan dat er een verkeersongeval wordt veroorzaakt. Strikt genomen mag de weg dus niet worden bevuild, omdat daardoor ongevallen kunnen ontstaan. Naast modderborden dient de weg ook te worden schoongemaakt na afloop van de werkzaamheden. Het is raadzaam om met het schoonmaken te beginnen zodra de kippers en silagewagens van het land komen. Maak ook heldere afspraken met uw opdrachtgever over het schoonmaken van de weg. De vervuiler (opdrachtnemer) kan bij ongelukken strafrechtelijk worden vervolgd. Bij LTO Ledenvoordeel kunnen LTO leden deze borden met korting aanschaffen.







Hoe plaats ik de modderborden?

Zorg ervoor dat de modderborden duidelijk zichtbaar zijn voor het verkeer. Deze borden dienen op ongeveer 75 tot 100 meter voor het begin van het gladde weggedeelte te worden geplaatst. Buiten de bebouwde kom moet de onderkant van het modderbord tenminste 1,20 m boven de grond worden geplaatst. Vergeet niet om na het schoonmaken van de weg de borden weer weg te halen, anders verliezen ze hun effect.  Bij LTO Ledenvoordeel kunnen LTO leden deze borden met korting aanschaffen.

Waar kan ik een gratis e-learning volgen en vervolgens bijdragen aan veiliger landbouwverkeer?

Op de website van veilig landbouwverkeer kunt u een e-learning volgen. De interactieve e-learning module land-bouwverkeer is ontwikkeld om alle leerlingen, werknemers en werkgevers in de agrarische sectoren te informeren hoe zij kunnen bijdragen aan veiliger landbouw- en bouwverkeer.

Met deze e-learning, die vrij beschikbaar is, wordt veilig gedrag op de openbare weg bevorderd. De lesmodule informeert, laat oefenen en maakt bewust. De module is door Cumela Nederland samen met haar sociale partners ontwikkeld.

De e-learning behandelt de onderwerpen:

•Voertuig: hoe maak je het voertuig zo veilig mogelijk. Over markering, bumpers, remweg en belading

•Bestuurder: veiliger rijgedrag, de dode hoek, risico’s beoordelen, lading afdekken en modder op de weg. Met praktijksituaties.

•Omgeving: hoe houd je rekening met andere weggebruikers; fietsers, wandelaars, schooljeugd e.d.

Waar vind ik informatie over de remeisen aan bestaande en nieuwe aanhangwagens?

Door de invoering van de Europese verordening 167/2013, die op 1 januari 2016 is ingegaan, worden er nieuwe remeisen aan nieuwe landbouwaanhangwagens gesteld. De snelheidsverhoging van 25 naar 40 km/h maakt dat er aanvullende eisen komen aan aanhangwagens waarmee harder dan 25 km/h wordt gereden. Er komt daarbij geen verplichting voor de opbouw van drukluchtremmen op bestaande aanhangwagens. Informatie over de remeisen aan bestaande en nieuwe aanhangwagens is te vinden op de website van Cumela.