Hieronder vindt u een overzicht van veelgestelde vragen. Klik op het driehoekje vóór de vraag om het antwoord erop te lezen. Staat uw vraag er niet bij? Stel hem aan LTO Noord via info@ltonoord.nl.

Ik heb schade geleden door een laagvliegoefening van defensie, wat kan ik doen?

U moet uw klacht zelf melden bij Defensie. Dat kan via een klachtenformulier op de website van Defensie. Daarnaast is het belangrijk om schade zo goed mogelijk vast te leggen, door onder andere foto's te maken en dierenartsverklaring op te nemen.

Vliegers kunnen over het algemeen goed zien waar stallen staan en waar vee in de wei loopt. Dit mede doordat LTO Noord aan Defensie voorbeelden van stallen, gezien vanuit de lucht, heeft gegeven. Vliegers vermijden dit soort locaties zoveel mogelijk. Maar dit lukt niet altijd, bijvoorbeeld als stallen dicht tegen een bosrand of achter een houtwal liggen. Dan zijn de stallen niet altijd op tijd zichtbaar.
In die situatie is de beste methode om gewoon rechtdoor te vliegen. Verleggen van de koers geeft meer motorvermogen met meer geluid en trillingen tot gevolg, dit kan leiden tot extra onrust en schrikreactie bij dieren. Schades zijn nooit helemaal te voorkomen. Het beeld bij zowel Defensie als LTO Noord is dat de schade bijna altijd naar tevredenheid wordt afgewikkeld.


Ik heb schade geleden door het landen van een luchtballon, wat kan ik doen?

Wanneer er schade is ontstaan, dan is de ballonvaarder daarvoor WA verzekerd. U kunt de ballonvaarder zelf voor de ontstane schade aansprakelijk stellen. 
Wanneer de identiteit van de ballonvaarder niet bekend is, is het verstandig om zo veel mogelijke kenmerken (kleur, opschriften, tijd en plaats, bij voorkeur met foto's) van de ballon te vermelden. Uw melding kunt u naar de regio coördinator van de KNVvL sturen: landing.ballonvaren@knvvl.nl Uw melding zal afgehandeld worden door de regio coördinator. De regio coördinator zal de identiteit van de ballonvaarder achterhalen en u met elkaar in contact brengen. De regio coördinator zal de zaak sluiten en een terugkoppeling aan beide partijen verzorgen.




Krijg ik voor het landen van een luchtballon een vergoeding?

In de gedragscode voor de luchtballonvaart die is opgesteld door de beroepsverenigingen van ballonvaarders PBN en KNVvL staat omschreven dat een bergingsvergoeding niet wettelijk verplicht is, maar als de grondeigenaar een cadeau niet op prijs stelt, er een geldbedrag zal worden gegeven. Daarbij worden richtbedragen genoemd van € 35,- per ballon met 6 personen aan boord. Voor iedere persoon meer of minder wordt het bedrag met € 2,50 gecorrigeerd. Omdat LTO zich niet kan vinden in de adviesbedragen voor de landingsvergoeding, heeft LTO de gedragscode niet ondertekend. De hobbymatige ballonvaart is uitgegroeid tot een professionele recreatiebranche met manden van 10 tot 20 passagiers. De richtbedragen van de ballonvaardersverenigingen zijn dus niet meer van deze tijd. Daarom heeft LTO voor de berging om een passende vergoeding gevraagd van een basisbedrag van €100 per ballon, aangevuld met een bedrag van €10 per passagier.
 

Mag een luchtballon overal landen?

De ballon mag wettelijk gezien overal landen, de grondeigenaar moet de landing gedogen maar heeft wettelijk recht op een schadeloosstelling. In de gedragscode is opgenomen dat de landingsplek dicht bij de openbare weg moet zijn. Daarbij is ook bepaald dat percelen met akker- en tuinbouwgewassen en lang gras worden vermeden. Ook is de inzet om niet te landen in percelen met gebouwen, vee en obstakels. Na de landing wordt contact opgenomen met de grondeigenaar/pachter om te bespreken of en hoe de ballon geborgen kan worden, want zonder toestemming van de grondeigenaar mogen er géén voertuigen in het land.

 

































































































































































































































































Mogen mensen zonder toestemming mijn erf betreden?

In de wet staat dat iedereen een niet-afgesloten erf mag betreden zonder toestemming van de eigenaar, tenzij de eigenaar schade of hinder kan ondervinden.

Het betreden van een erf is ook niet toegestaan als de eigenaar op duidelijke wijze kenbaar heeft gemaakt dat het verboden is zonder zijn toestemming het erf te betreden. Dit betekent dat ieder perceel (bijvoorbeeld het erf bij een bedrijf of landbouwgrond) voor iedereen vrij toegankelijk is als aan de volgende voorwaarden is voldaan:

  • Het terrein is niet afgesloten;
  • Er is op geen enkele wijze kenbaar gemaakt dat het verboden is de grond te betreden;
  • De eigenaar van de grond ondervindt geen schade of hinder.

Door een erfafscheiding wordt duidelijk dat het terrein niet voor iedereen toegankelijk is zonder toestemming van de eigenaar. Dit kan ook door het plaatsen van waarschuwings- of verbodsborden (‘Verboden toegang voor onbevoegden, art. 461 W.v.Str.’). Als iemand het perceel dan toch betreedt, begaat hij een strafbaar feit en kan aangifte worden gedaan. Overigens kan de overheid gebruik maken van publiekrechtelijke bevoegdheden om gronden te mogen betreden.

Een eigen weg met een bordje ‘eigen weg’ blijft toegankelijk voor iedereen, tenzij er een verbodsbord staat. Maar dan kan het zijn dat gewenste bezoekers wegblijven.

Als een niet-afgesloten landbouwperceel wordt betreden en er dreigt schade te ontstaan, dan kan dit aan de betreffende erfbetreders worden gemeld. Het ontstaan van schade zorgt er namelijk voor dat het perceel niet (langer) vrij toegankelijk is. Als er inmiddels schade aan het perceel of de gewassen is ontstaan, dan is het aan te raden om de schade te fotograferen of op een andere manier vast te leggen.