Vrouwen blij met bestuurswerk

Agrarische vrouwen denken nog te vaak dat ze ongeschikt zijn voor een bestuursfunctie bij LTO Noord. Waar die onzekerheid vandaan komt? Colinda van Rees weet het niet. De derdejaarsstudent Bestuurskunde deed onderzoek naar de motivatie van agrarische vrouwen om al dan niet een bestuursfunctie uit te voeren.

Tijdens haar stageperiode bij LTO Noord sprak Van Rees met verschillende vrouwelijke bestuurders over waarom ze die functie hebben aangenomen, hoe het ze bevalt en wat LTO Noord kan doen om meer vrouwen in het bestuur te krijgen. ‘Wat opvalt, is dat alle vrouwen enthousiast zijn over het bestuurswerk. Ze prijzen de afwisselende werkzaamheden, de vrijheid en de mogelijkheden die LTO ze biedt om zichzelf verder te ontwikkelen.’

De cursussen die bestuurders aangeboden krijgen via LTO Academie worden heel leerzaam gevonden. ‘Alle geïnterviewden vinden dat je je bij LTO kunt ontwikkelen als persoon en bestuurder’, weet Van Rees. Doorslaggevend voor veel vrouwelijke bestuurders is dat ze zich met een bestuursfunctie inzetten voor ‘hun’ agrarische sector. ‘Als bestuurder kun je de regie pakken en, op welk niveau dan ook, belangrijke bijdragen leveren aan de sector.’ Zo gaf afdelingsbestuurder Rosalinda van de Poel aan: ‘De agrarische sector betreft mijn eigen bedrijf en leven, daar wil ik mij voor inzetten.’

Verkeerd beeld
Waarom dan toch niet meer vrouwen bestuurder zijn binnen LTO Noord, komt omdat leden vaak een verkeerd beeld hebben van wat een bestuursfunctie inhoudt, ontdekte Van Rees tijdens de gesprekken. ‘Met name vrouwen denken vrijwel eigenlijk altijd dat ze niet geschikt zijn voor een bestuursfunctie. Hun grote angst is dat ze niet genoeg kennis van het agrarisch bedrijf hebben of dat ze werkzaamheden moeten uitvoeren die ze niet kunnen.’ Geen van de geïnterviewde vrouwen werd dan ook overtuigd om te solliciteren voor de bestuursfunctie door de vacaturetekst. ‘Ik heb het functieprofiel voorbij zien komen, maar achtte mijzelf niet geschikt en vond het te hoog gegrepen’, vertelde Rona Uitentuis aan Van Rees.

Pas in een persoonlijk gesprek werd Uitentuis, die stopt als provinciaal voorzitter van Noord-Holland, duidelijk wat de functie inhield en raakte ze enthousiast. Vrouwen zijn vaak bescheiden, gaf regiovoorzitter Trienke Elshof aan.

Persoonlijk gesprek
‘Een persoonlijk gesprek, waarin vragen en zorgen gedeeld kunnen worden, werkt beter om vrouwen te winnen voor een bestuursfunctie’, concludeert Van Rees na alle gesprekken. Ook zou het goed zijn als LTO Noord het werk van (vrouwelijke) bestuurders zichtbaarder maakt en beginnende bestuurders begeleiding en ondersteuning biedt. ‘Vrouwen overtuigen van een bestuursfunctie kost misschien iets meer moeite, maar dat doet niets af aan hun inzet en kunde.’


Bron: Nieuwe Oogst