Groeiseizoen begint eerder en gaat langer door 

Het groeiseizoen begint de laatste jaren eerder en loopt steeds langer door. Tegelijk zijn warmte en droogte midden in de zomer steeds vaker een probleem. Vooral op droge zandgrond in het oosten en zuiden van Nederland staat dan soms te weinig goed gras. Sommige melkveehouders houden hun koeien daarom midden in de zomer vier tot acht weken op stal. 

Dat hoeft niet te betekenen dat het weideseizoen voorbij is. Als er na de zomer weer voldoende gras groeit, kan de beweiding opnieuw worden gestart. Juist in het voorjaar en najaar liggen daardoor kansen om meer vers gras te laten eten.  

Bert Philipsen, onderzoeker bij Wageningen Livestock Research: “We zien de laatste jaren dat het groeiseizoen één tot twee weken eerder begint en ook één tot twee weken langer doorgaat. Tegelijk worden warmte en droogte midden in de zomer extremer. Daardoor liggen er vooral in het voorjaar en najaar kansen om meer vers gras te benutten.” 

“Op droge zandgrond in het oosten en zuiden houden steeds meer melkveehouders al rekening met een zomerstop. Zij zetten de koeien soms vier, zes of acht weken op stal, omdat er buiten te weinig goed gras staat. Zodra het gras na regen weer begint te groeien, kun je de beweiding opnieuw opstarten. Het weideseizoen hoeft dus niet definitief voorbij te zijn na een droge zomer.” 

Philipsen ziet de grootste kansen op bedrijven die eerst de eerste snede maaien en inkuilen en pas daarna beginnen met weiden: “Zij kunnen vaak eerder starten. Ook bedrijven die na ongeveer 120 dagen stoppen met weiden, kunnen mogelijk langer doorgaan. Na een droge zomer blijkt het soms vooral een mentale drempel om de beweiding weer goed op gang te brengen. Terwijl er in het najaar vaak opnieuw volop gras beschikbaar komt.” 

Vers gras kan de methaanuitstoot verlagen 

Weidegang verlaagt volgens Philipsen de methaanuitstoot op twee manieren: “Een klein deel van het effect komt doordat mest rechtstreeks in het weiland valt en niet in de mestkelder of opslag terechtkomt. Urine mengt zich zodoende niet met de vaste mest en er is minder direct contact. Het grootste effect komt echter uit de pens. Vers gras wordt anders verteerd dan ingekuild gras. Daardoor maken de micro-organismen in de pens minder methaan.” 

“Proeven laten in het voorjaar ongeveer 10 tot 30 procent minder methaan uit de pens zien. In de zomer ligt dit effect globaal tussen 0 en 10 procent en in het najaar tussen 5 en 15 procent. Dit hangt samen met de samenstelling van het gras en de manier waarop koeien grazen,” aldus Philipsen. 

“Mogelijk spelen de gehalten aan ruw vet en suiker in het verse gras een rol,” vervolgt hij. “Die zorgen voor een ander patroon van vluchtige vetzuren in de pens. Het exacte mechanisme kennen we nog niet, maar het effect is wel in meerdere jaren en ook internationaal aangetoond. Het onderzoek naar de precieze verklaring gaat daarom door.” 

Deze percentages zijn globale uitkomsten uit proeven. Hoe groot het effect op een bedrijf is, hangt samen met de hoeveelheid vers gras in het rantsoen en de manier waarop de koeien grazen. 

LTO Dichtbij app

Blijf up-to-date met het laatste nieuws voor jouw agrarische bedrijf via de LTO Dichtbij app.

Word lid

Word lid van LTO Noord en versterk je positie in de agrarische sector. Meld je nu aan!

Boer aait koe in weiland.